Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Jullie benl samen een span, en er is een sterke hand noodig om jelui in toom te houden, maar ik kan niet zeggen dat ik het onplezierig vind. Josie had mijn kind moeten wezen en Rob het jouwe, Meta; dan zou jij vrede in je huis hebben gehad en het mijne een gekkenhuis hebben geleken. Maar nu moet ik weg, om Laurie het nieuws te vertellen. Ga mee, Meta, een kleine wandeling zal ons goed doen;" en Ted's stroohoed opzettend, verdween tante Jo met haar zuster, Daisy achterlatend om voor de bollen te zorgen en Ted om Josie weer in haar humeur te brengen, terwijl Tom en Nan gezamenlijk vertrokken om hun respectieve patiënten een vrij leelijk kwartiertje te doen doorleven.

HOOFDSTUK II.

PARNASSUS.

De naam was goed gekozen, en de Muzen schenen dien dag thuis te wezen, want toen de bezoekers de heuvelhelling bestegen, werden zij door vrij toepasselijke tooneeltjes en klanken begroet. Voorbij een openstaand raam komend, kregen ze een kijkje in de bibliotheek, waar Clio, Calliope en Urania den scepter zwaaiden; Melpomene en Thalia verlustigden zich in de gang, waar een troepje kinderen dansten en een tooneelstukje repeteerden; Erato wandelde met haar minnaar in den tuin, terwijl in de muziekzaal Phoebus in hoogst eigen persoon een welluidend koor onderrichtte.

Een bejaarde Apollo was onze oude vriend Laurie, maar even knap en levenslustig als ooit; want de tijd had van den eigenzinnigen jongen een flink en goed mensch

Sluiten