Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zei Josie, die hem besnutïelde en met genot de frissche zeelucht opsnoof, die hij met zich meebracht. Hij was haar lievelingsneef en zij zijn liefste makkertje; dus verwachtte zij dat de uitpuilende zakken van het blauwe pak, stellig wel een paar verrassingen voor haar zouden verbergen.

„Hei, kalm aan wat, kleintje, laat mij eerst even peilen, voordat je duiken gaat," lachte Emil, die de bedoeling van haar liefkoozingen heel goed doorzag, en haar met de eene hand van zich afhield, terwijl hij met de andere verscheiden vreemde doosjes en pakjes voor den dag haalde, die allemaal van verschillende namen waren voorzien, en die hij met allerlei toepasselijke opmerkingen ronddeelde, wat tot veel vroolijkheid aanleiding gaf, want Emil was een echte grappenmaker.

„Hier is een kabel, die onze kleine jol ongeveer vijf minuten stil op haar plaats zal houden," zei hij, een ketting van mooie roode koralen over Josie's hoofd werpende; „en hier is iets dat de zeemeerminnen mij voor Undine hebben meegegeven," voegde hij er bij, Betsy een collier met een zilver slotje toereikend. „Ik dacht dal Daisy wel graag een viool zou willen hebben, als Nat er mee aankwam," vervolgde de zeeman, met een lach, terwijl hij een smaakvolle zilveren broche, in den vorm van een viool, ontpakte.

„Ja, dat zal ze stellig, geef maar hier!" antwoordde Nat, blij haar te kunnen opzoeken, en hij verdween, overtuigd, dat hij haar wel vinden zou, hoewel Emil haar nog niet had kunnen opsporen.

Emil begon te schateren van het lachen, terwijl hij een grappig gesneden berenkop voor den dag haalde, die van boven openging en een groote inktkoker bleek te zijn. Met een buiging bood hij hem tante Jo aan.

„Uw liefde voor deze wilde beesten kennende, breng ik u dit voor uw schrijftafel mee."

„Heel goed, Commandant! Dat mag je nog eens doen!" antwoordde mevrouw Bhaer, zeer in haar schik met dit geschenk, dat den professor aanleiding gaf tot de voorspelling, dat er nog eens beroemde geschriften uit de

Sluiten