Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarschuwen, geluk te wenschen, en het hoofd op hol te brengen door welgemeende doch zeer vermoeiende oplettendheden. Als zij weigerde haar hart voor hen te openen, kreeg zij verwijten ; als zij aanvragen om bijstand voor liefdadige instellingen van de hand wees, zich ongenegen betoonde om in bizondere gevallen van ellende verlichting aan te brengen of niet genoeg belangstelling toonde in elke ziekte en beproeving die de menschheid bezoekt, noemde men haar hardvochtig, zelfzuchtig en trotsch; als het haar onmogelijk bleek, de bergen van brieven te beantwoorden die men haar zond, heette zij onachtzaam in het vervullen van haar plicht jegens het bewonderende publiek; en als zij de afzondering van haar tehuis verkoos boven het voetstuk, waarop men haar geplaatst wilde zien, was er geen eind aan toespelingen op de grillen van „die blauwkous."

Jo deed haar best voor de kinderen ; zij waren het publiek waarvoor zij schreef en werkte dapper om te voldoen aan de vraag, die onophoudelijk in den mond der gulzige jeugd bestorven lag, „Meer, meer!" Haar huisgezin opperde wel eens bezwaren tegen deze toewijding ten hunnen koste, en haar gezondheid had wel wat te lijden, maar voor een tijd bracht zij zich zelve gewillig op het altaar der kinderlectuur ten ofier, gevoelende dat zij veel verplichting had aan de kleine vriendjes, in wier oogen zij, na twintig jaren van inspanning, genade had gevonden.

Doch er brak een periode aan, dat haar geduld opraakte, haar omgeving glimlachte er om en toonde weinig medelijden, maar Jo begon het de zwaarste beproeving van haar heele leven te vinden. De vrijheid was altijd haar dierbaarste schat geweest en die scheen zij nu gaandeweg geheel en al te verliezen. Het leven in een glazen huis begint spoedig zijn bekoorlijkheid te verliezen, en zij was te oud, te vermoeid en te bezet met allerlei werk om er smaak in te vinden. Zij geroeide dat zij alles gedaan had wat men redelijkerwijs van haar kon verlangen, toen het geheele land door haar handteekeningen, photographieën en levensbeschrijvingen was overstroomd; toen schilders

Sluiten