Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ik heb hem toch gekregen — Hè, wal ben ik blij!"

„Krijg nu maar eerst je adem terug, lieve kind ; dan zal ik ook blij zijn. Het was heel lief van je, zooveel moeite voor mij te doen. Hoe kan ik je bedanken ?" vroeg de actrice haar aanziende met de prachtige oogen, die zonder woorden zooveel konden zeggen.

Josie sloeg de handen in elkaar, met een natten pats, die het effect dezer beweging wel wat bedierf, en antwoordde op een toon zóó smeekend, dat zelfs een veel verstokter hart dan dat van miss Cameron er door verleederd zou zijn geworden:

„Laat mij u maar eens mogen opzoeken — één keertje maar! Ik wou zoo dolgraag van u welen of ik tooneelspelen kan; u kunt het natuurlijk dadelijk zien, en ik zal mij bij uw uitspraak neerleggen. Maar als u denkt, dat ik het kan — later, als ik er hard voor gestudeerd heb — zal ik de gelukkigste van alle stervelingen wezen. Mag ik ?"

„Ja; kom morgen om elf uur. Dan zullen we eens rustig praten. Jij zult mij toonen wal je kunt, en ik zal mijn meening zeggen. Maar je zult het niet prettig vinden."

„Ja toch wel, al zegt u ook dat ik een dwaas kind ben. Ik wil het zoo zielsgraag, en mama ook. Ik zal het moedig opnemen wanneer u „neen" zegt, maar zegt u „ja" dan zal ik niet rusten, voordat ik mijn best heb gedaan — net als u."

„Och, mijn kind — het is een vermoeiende weg, en er zijn overvloed van dorens tusschen de rozen, als je die eens gewonnen hebt. Ik geloof wel, datje moedig bent; en dit heeft bewezen dat je volharding bezit. Misschien ook heb je een talentje; kom morgen maar eens, dan zullen we zien."

Miss Cameron raakte de bracelet aan, terwijl zij sprak, en lachte zoo vriendelijk, dat de voortvarende Josie haar wel op stel en sprong had willen kussen. Zij bedwong zich echter wijselijk, ofschoon, toen zij haar voor de ontvangen vergunning bedankte, haar oogen vochtig waren van ander zilt water, dan de zee bevat.

„Wij houden miss Cameron op, en de vloed komt ook opzetten. Kom Josie," waarschuwde de bedachtzame Betsy, bang, dat zij door langer te blijven de goede ontvangst zouden bederven.

Sluiten