Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meisje wier vriendelijke tegenwoordigheid de lange reis voor hen allen zoo genoeglijk had gemaakt — indien hij hen slechts van een wreeden dood kon redden, zou hij, dat gevoelde hij innig, er gaarne zijn eigen leven voor hebben gegeven.

Toen hij daar zoo met het hoofd in de handen zat, verslagen door die eerste zware beproeving van zijn jeugdig leven, met den sterrenloozen hemel boven, de rustelooze zee onder zich, en allen om hem heen lijdende, zonder dat hij iets kon doen om hun leed te verzachten, verbrak plotseling een geluid de stilte, en hij luisterde er naar als in een droom. Hel was Mary, zacht zingende voor haar moeder, die, uitgeput van kommer en angst, schreiend in haar armen lag. Een zeer zwakke en gebroken stem was het, want de lippen van het arme meisje waren verdroogd van dorst; maar het liefhebbend hart wendde zich instinctmatig in dit uur der wanhoop tot den grooten Helper, en Hij hoorde haar angstkreet. Het was een oud aandoenlijk wijsje, dat dikwijls op Plumfield werd gezongen ; en terwijl zijn oor de bekende tonen opving, kwam heel zijn gelukkig verleden Emil zoo duidelijk voor den geest, dat hij de bitterheid van het heden vergat, en zich verbeeldde weer thuis te zijn. Zijn gesprek met lanle Jo op het platte dak, scheen pas gisteren gehouden te zijn, en met een lichte knaging van zelfverwijt, dacht hij:

„De roode draad! Ik moet er aan denken, en mijn plicht doen tol het einde. Wijk niet uit den goeden koers, mijn jongen; en kun je de haven niet bereiken, verga dan ten minste met alle zeilen in top."

Toen, terwijl de zwakke stem zachtkens voortzong, en de afgetobde vrouw in een verkwikkende sluimering wiegde, vergat ook Emil voor een korte poos zijn zorgen, en droomde hij van Plumfield. Hij zag hen allen, hoorde de welbekende stemmen, voelde den druk van vriendenhanden, en het scheen alsof een stem in zijn binnenste sprak: „Zij zullen zich niet over mij behoeven te schamen, al zie ik hen hier op aarde ook nooit weer."

Een plotselinge kreet deed hem uit zijn korte rust opschrikken, en een druppel op zijn voorhoofd zei hem, dat

Sluiten