Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij met een koortsachtigen ijver, die spoedig de goedkeuring van den chef en de afgunst van zijn minder bekwame lotgenooten wekte. Dag aan dag zat hij op zijn plaats, bewaakt door een gewapenden opzichter; elk noodeloos woord was hem verboden ; geen onderhoud met zijn medegevangenen; geen afwisseling dan van de cel naar de werkplaats; geen andere beweging dan de vervelende marsch heen en weer, met de handen op elkanders schouders, in het gelid loopend met den eentonig schuifelenden gang, die zoo geheel verschilt van den hardklinkenden soldatenstap.

In zichzelven gekeerd, bleek en norsch, volbracht Dan zijn dagelijkschen laak, at zijn bitter brood, en gehoorzaamde met een oproerige llikkering in het oog, die den cipier deed zeggen: „Dat is een gevaarlijk sujet! houd hem flink in de gaten ! hij zal nog op een goeden dag losbreken."

Anderen, gevaarlijker dan hij, volleerd in de misdaad, waren tot elk wanhopig verzet in staal, om het eentonige van den langen straftijd te verbreken. Deze booswichten raadden spoedig wat er in Dan's geest omging, en slaagden er in op de geheimzinnige manier, alleen aan veroordeelden bekend, hem, eer er een maand verloopen was, te doen weten, dat er plannen werden beraamd om bij de eerste gunstige gelegenheid in opstand te komen. De Zondag voor Kerslmis was een van de weinige dagen waarop zij kans hadden met elkander te spreken, en hun een uur van betrekkelijke vrijheid op de binnenplaats der gevangenis werd toegestaan.

Op dien dag moest alles afgesproken zijn, en zou zoo mogelijk de vermetele poging worden gewaagd, om waarschijnlijk te eindigen in bloedvergieten en nederlaag voor de meesten, en slechts enkelen de vrijheid te hergeven. Dan had reeds plannen voor zijn eigen ontvluchtinggemaakt,en wachtte zijn tijd af, steeds somberder, woester en oproeriger wordend, naarmate het gemis zijner vrijheid ziel en lichaam ondermijnde; want deze plotselinge overgang van zijn vroeger gezond en vrij leven tot zulk een somber bekrompen en ellendig bestaan, moest wel een noodlottigen invloed oefenen op iemand van zijn gestel en leeftijd. Hij peinsde over zijn verwoest leven, brak met al zijn gelukkige verwachtingen en plannen, en gevoelde dat hij zich nooit

Sluiten