Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Die beste mensehen!" hoeveel liefde en vertrouwen schonken ze hem, en hoe bitier zouden zij zich teleurgesteld gevoelen als zij wisten hoe 'n dwaas hij was geweest! Liever zou hij weer met zijn viool langs de straat gaan, eer hij hun om hulp wilde vragen! dacht Nat, de tranen afwisschend waarvoor hij zich schaamde, hoewel hij voelde dat ze hem goed hadden gedaan. t

Nu werd het hem duidelijker, wat hem te doen stond, want een helpende hand was hem over de zee heen toegestoken. Liefde had hem opgeheven uit den poel, en de enge poort gewezen, waarachter uitkomst lag. Toen hij den brief nog eens herlezen had, en het hoekje waar zekere naam stond geschreven, hartstochtelijk had gekust, voelde Nat zich sterk genoeg om het ergste onder de oogen te zien en te overwinnen. Elke rekening zou betaald, elk voorwerp van waarde verkocht en deze dure kamer opgezegd worden. Eenmaal terug bij de bedrijvige Frau Tetzel, zou hij een of andere bezigheid zoeken, waardoor hij zichzelf onderhouden kon, evenals zoovele andere studenten deden. Hij moest zijn nieuwe vrienden opgeven, het vroolijke leven vaarwel zeggen, niet langer een vlinder zijn, maar zijn plaats onder de nijvere werkbijen innemen. Dat was de eenige eerlijke weg die hem openstond, maar het was een harde taak voor den armen jongen, zijn ijdelheid te moeten fnuiken, de genoegens der groote stad vaarwel te zeggen, zijn dwaasheid te bekennen en van zijn verheven voetstuk af te dalen om beklaagd, uitgelachen en vergeten te worden.

Al zijn moed en trots werden gevorderd om dit te volbrengen, want Ned bezat een gevoelig karakter; de achting der menschen was hem bizonder veel waard, geringschatting onverdragelijk, en niets dan zijn ingeboren afkeer van laagheid en bedrog hielden hem er van terug, hulp te vragen of door een of andere oneerlijke uitvlucht zijn moeielijkheden te verbergen. Toen hij dien nacht alleen zat kwamen hem professor Bhaer's woorden weer met verwonderlijke klaarheid voor den geest en zag hij zichzelf weer op PI umfield, als kleine jongen, die, om zijn kwade gewoonte af te leeren, zijn meester pijnigen moest, toen hij uit lafheid een leugen had verteld.

Sluiten