Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XIV. Op het tennisveld.

Lichaamsontspanningen stonden op Plumfield hoog aangeschreven, en de rivier waar het oude vlot placht te wiegelen, met een lading kleine jongens, terwijl de oppervlakte de schelle stemmen weerkaatste van de kleine meisjes die waterlelies wilden plukken, werd nu verlevendigd door vaartuigen van allerlei slag; van de slanke giek af, tot de keurig opgetuigde wherry, versierd met kussens, zonnetenten en fladderende wimpels. Iedereen roeide, en meisjes zoowel als jongens hielden hun wedstrijden en ontwikkelden hun spieren op de meest wetenschappelijke wijze. De uitgestrekte weide bij den ouden wilg was nu tot sportterrein ingericht, en hier werden woedende voelbalgevechten geleverd, afgewisseld door hockey, cricket en dergelijke spelen, zeer geschikt om vingers te kneuzen, ribben te breken en voeten te verstuiken van al te ijverige deelnemers. De meer bedaarde uitspanningen der jonge dames werden op veiliger afstand van dit strijdperk gehouden; het getik der croquethamers klonk onder de olmen die het veld omzoomden; rackets rezen en daalden met kracht op de verschillende tennisvelden, en hekken van allerlei hoogte waren bizonder geschikt om zich te oefenen in den bevalligen sprong, waardoor elk der meisjes vroeg of laat haar leven verwachtte te redden, als de dolle stier, die altijd komen zou, maar zich nog nooit had vertoond, haar loeiend op de hielen zat.

Een dezer tennisvelden heette „Josie's Baan" en hier heerschte deze jonge dame als koningin; want zij was erg verzot op dit spel, en daar zij besloten had haar eigen klein persoontje tot den hoogsten graad van volmaaktheid te ontwikkelen, kon men er haar elk vrij oogenblik met een of ander slachtoffer harer speelwoede in de weer vinden. Op een helderen Zaterdagmiddag had zij met Betsy gespeeld en het van haar gewonnen, want hoewel bevalliger, was de

Sluiten