Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XIII.

DE BIH-OHA-KOU-ES.

Eer wij thans verder gaan, zullen wij omtrent de PueblosIndianen, die geroepen zijn om in den loop van dit verhaal zulk eene groote rol te spelen, eenige ophelderingen geven, welke zoo wij meenen door hare nieuwheid de belangstelling onzer lezers ruimschoots verdienen.

Deze Indianen houden het midden tusschen de Roodhuiden van Noord-Amerika en het ras der Tolteken, uit welke al de takken van het groote mengelmoes, waaruit de inlandsche bevolking van Mexico bestaat, zijn voortgesproten.

Ofschoon grootendeels in de nijverheid en akkerbouw hun bestaan vindende, hebben zij daarom hunne zucht tot krijgsbedrijven niet vaarwel gezegd.

De Paeblos hebben zich langs de geheele noordelijke grenslinie van Mexico gevestigd.

Hunne voornaamste stammen zijn de Navajoé's, de Apachen, de Cayugas en de Comanchen.

De Apachen verschillen niet veel van de eigenlijk gezegde Roodhuiden, wier karakter zij bezitten; de Comanchen insgelijks, zijn in hetzelfde geval.

Laatstgenoemde stam is de meest geduchte der woestijn : met echten Indianentrots, noemt deze natie zich zelve de Koningin der Prairiën. Onder al de Indianen hebben zij alleen zich van het gebruik van sterke dranken weten te onthouden, die voor het Roode ras zoo verderfelijk zijn.

De Comanchen zijn fier, onafhankelijk en ijverzuchtig van karakter. Naarmate de gebeurtenissen in ons verhaal zich verder ontwikkelen, zal de lezer in staat zijn hierover zelf te oordeelen. Wij willen hier slechts een enkelen trek uit hunne zeden beschrijven, die voldoende zal zijn om hen naar waarde te leeren schatten.

De veelwijverij is onder de Comanchen geoorloofd: elk opperhoofd heeft zes, acht tot tien vrouwen; maar bij deze volken wordt het huwelijk, noch door zachte woorden noch door geschenken gesloten; de Comanch wanneer hij huwt, ontvangt een zekerder en vooral een plechtiger onderpand.

Ziehier de wijs waarop hij het zich weet te verschaffen:

Zoodra zijne liefde voor eene vrouw zich verklaart en zijne keus zich bepaald heeft, doodt hij een zijner paarden, rukt er het hart uit en spijkert het nog bloedend aan de deurpost van haar die hij zijn hof wil maken. De jonge maagd neemt het hart, laat het braden, deelt het in twee stukken, geeft er een van aan haar minnaar, eet zelve het andere op, en het huwelijk is gesloten.

Tot hiertoe heeft nog niemand deze natie tot slaven kunnen maken, en blijft zij de schrik der Mexicaansche grenzen.

Sluiten