Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Harry drukte de hand die hem werd aangeboden en antwoordde somber maar hartelijk:

„Ik heb mijn plicht gedaan, ik heb gezworen dat ik haar zal beschermen en voor haar sterven, en ik zal mijn eed weten te houden."

Don Pablo boog met een bevalligen glimlach.

„Waarom blijft gij zoo achteraf? kom liever bij ons," zeidehij.

„Neen," antwoordde Harry met een zucht, terwijl hij mismoedig het hoofd schudde, „ik mag of wil de derde man niet zijn in uw gesprek. Gij bemint elkander, weest gelukkig samen. Mijne taak is voor uw geluk te waken; laat mij dus mijne plaats en behoudt gij de uwe."

Don Pablo dacht over deze verklaring een oogenblik na en drukte den jager andermaal de hand.

„Gij hebt een edel hart," zeide hij, „ik begrijp u."

Hierop keerde hij naar Ellen terug.

Een treurige glimlach plooide zich om de bleeke lippen van den Canadees.

„Ja," prevelde hij, zoodra hij weder alleen was, „ja, ik bemin haar. Arme Ellen! zij zal gelukkig zijn, en dan, wat zegt het hoe het met mij afloopt."

Hij hernam zijn vorigen schijn van bedaardheid, maar wierp nu en dan een blik van weemoedig genoegen naar de twee jongelieden, die hun vertrouwelijk gesprek weder hadden opgevat.

„Vindt gji hem niet een brave ziel!" vroeg Ellen aan don Pablo, met een zijdelingschen wenk naar den jager.

„Ik zou wel denken van ja," antwoordde hij.

„En ik ben er reeds lang zeker van," zei Ellen, „Harry bewaakt en beschermt mij, ik heb hem altijd aan mijne zijde gevonden in de ure des gevaars; om mij te volgen heeft hij zijn vaderland, zijne vrienden en bloedverwanten verlaten, zonder zich te bedenken of te aarzelen, en zonder hoop om ooit voor zooveel trouw en zelfverloochening beloond te worden."

Don Pablo zuchtte.

„Gij bemint hem," murmelde hij.

Het meisje glimlachte.

„Als gij onder deze woorden verstaat, dat ik in hem onbeperkt vertrouwen stel en voor hem een oprechte vriendschap koester, dan ja, dan bemin ik hem van ganscher harte," antwoordde zij.

Don Pablo schudde het hoofd.

„Neen," riep hij, „maar zoo bedoel ik het niet."

Zii keek hem bevreemd aan en zweeg eenige minuten.

De Mexicaan durfde haar niet verder vragen.

Eindelijk kwam zij dichter bij hem en legde de hand op zijn schouder.

Bij deze aanraking beefde de jonkman en sloeg hij de oogen op.

„Hoor eens, don Pablo," zeide zij met hare heldere, doordringende stem.

Sluiten