Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Help! help!" schreeuwde dona Clara met eene hijgende stem, „Valentin! vader! help! help mij!"

„Hier ben ik!" riep don Miguel, „houd moed, mijn kind! houd moed!"

En door vaderliefde gedreven, snelde hij haar te hulp.

Maar op een wenk van Valentin, hielden Curumilla en de Arendsveer hem terug, in weerwil zijner pogingen om hun te ontsnappen.

Inmiddels nam Valentin zijn mes tusschen de tanden en sprong in de rivier.

„Kom! vader! kom!" herhaalde dona Clara, „waar zijt gij ? waar zijt gij?"

„Hier ben ik! hier!" herhaalde don Miguel.

„Houd moedl houd moed!" riep Valentin.

De jager doorkliefde met krachtige armslagen de onstuimige wateren der Gila en deed het onmogelijke om dona Clara te naderen; maar eer hij haar nog bereikt had, ontmoette hij reeds den Roode-Ceder en bevonden de twee vijanden zich tegenover elkander midden in de rivier.

Thans alle gevoel van zelfbehoud vergetende, stortten zij met het mes in de hand op elkander in.

Op hetzelfde oogenblik klonk er een donderend geluid, als het losbranden van een batterij zwaar geschut, in de ingewanden der aarde; een vreeselijke schok bewoog den grond, en de rivier werd met geweld tot in hare diepste bedding als omgekeerd.

De Roode-Ceder en Valentin, door het geweld dezer ontzaglijke waterbeweging medegesleept en weggeslingerd, draaiden ettelijke keeren in het rond en waren toen zij weder boven kwamen door een onoverkomelijken maalstroom gescheiden.

De Squatter zwom met dona Clara naar den oever.

Op hetzelfde oogenblik klonk er een akelige gil door het luchtruim.

„Daar!" bralde de Roode-Ceder, „ik heb u gezegd, dat ik uwe dochter u niet anders dan dood zou teruggeven; neem haar nu!"

En met een duivelenlach had hij het arme meisje zijn mes in de borst gestooten.

Het arme kind zonk op de knieën, vouwde de handen, en bezweek met een laatsten uitroep op de stervende lippen.

„Vader! vader!"

„O!" riep don Miguel, „wee! wee!" En hij viel bewusteloos op den grond.

Op het gezicht van den lafhartigen moord, wrong Valentin, die nog met den stroom worstelde en zijn schoonste doel voor altijd verijdeld zag, zich wanhopig de handen.

Curumilla legde zijn geweer aan, en eer de Roode-Ceder, die reeds in den zadel zat, zijn paard in galop kon brengen gaf hij vuur; maar de kogel, kwalijk gericht, miste den bandiet, die met een brullenden triomfkreet spoorslags het bosch inrende.

Sluiten