Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

even zelfs de vuursteen van mijn geweer afgesprongen was. Wat zou ik nu doen, want tijd viel hier niet te verliezen. Gelukkig viel mij in, wat daar juist met mijne oogen gebeurd was. Ik rukte dus de pan open, legde mijn geweer op de vogels aan en sloeg met de vuist tegen een mijner oogen. Door den flinken slag vlogen er weer vonken genoeg uit, 't schot ging af, en ik raakte vijf koppels eenden, vier patrijzen en een paar snippen. Tegenwoordigheid van geest is de ziel van mannelijke daden. Ontkomen soldaten en zeelieden daardoor aan menig gevaar, jagers hebben er niet minder hun geluk aan te danken.

Toeval en geluk maken dikwerf menige fout weer goed. Dat ondervond ik spoedig, toen ik in het hart van een woud een jong wild zwijn en een zeug dicht achter elkander zag loopen. Mijn kogel had hen niet getroffen, en toch liep het zwijn alleen weg en bleef de zeug bewegingloos staan, alsof zij aan den grond vastgenageld was. Toen ik de zaak nader onderzocht, bevond ik, dat het een blinde zeug was, die den staart van het jonge wilde zwijn in den bek hield, om zoo door hem uit kinderlijken plicht geleid te worden. Daar nu mijn kogel tusschen beiden doorgegaan was, had hij dezen leiband verbroken, waarvan de oude moeder nog altijd het eene einde in den bek had. Nu haar geleider haar niet verder voortgetrokken had, was ze blijven staan. Ik greep dus 't overgebleven einde van den staart en geleidde daaraan het oude hulpelooze dier naar huis, zonder verder eenige moeite of tegenstand te ondervinden.

Hoe vreeselijk deze wilde zeugen ook zijn, de wilde zwijnen zijn nog vrij wat geduchter en gevaarlijker. Ik ontmoette er eens een in 't woud, toen ik ongelukkigerwijze op een aanval noch verdediging beducht was. Juist kon ik me nog achter een boomstam verbergen, toen het woedende beest een zijsprong naar mij deed, en wel met zulk een geweld, dat zijne slagtanden

Sluiten