Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

komen was, omringde ik met mijne lieden dezen zonderlingen luchtreiziger.

Ik nam hem aan boord. Door zijn plotselingen val uit zee was hij erg verschrikt en kon in het eerst niet spreken; eene poos daarna kwam hij bij en deelde het volgende mede: „Zeven of acht dagen geleden, ging ik met mijn luchtballon te Cornwall in Engeland op en nam een schaap bij mij, om er proeven mede te nemen. Ongelukkigerwijze draaide de wind tien minuten na mijne opstijging en in plaats van naar Exeter te drijven, waar ik weder dacht te landen, werd ik naar zee gedreven, waarboven ik ook vermoedelijk den ganschen tijd gezweefd heb, doch te hoog om waarnemingen te doen.

„Mijn honger werd zóó groot, dat ik na rijp beraad ertoe besloot mijn schaap te slachten. Daar ik toen oneindig hoog boven de maan was en na eene vaart van 16 uur eindelijk zóó nabij de zon kwam, dat ik mijne wenkbrauwen zengde, lei ik het doode schaap, nadat ik het eerst gevild had, in dat gedeelte van den wagen, waar de zon de meeste kracht had, zoodat het in omtrent twee uur uitmuntend goed gebraden was. Van dit gebraad heb ik den ganschen tijd geleefd." — Hier zweeg hij en scheen zich te verdiepen in al hetgeen hij rondom zich zag. Toen ik hem zei, dat de gebouwen daar voor ons het Seraglio van den Grooten Heer te Constantinopel waren, scheen hij zeer ontsteld, wijl hij op een andere plek der wereld meende te zijn. „De oorzaak van mijn langen tocht," voegde hij er eindelijk bij, „was, dat er een touw brak, dat aan eene klep in den luchtballon zat en diende, om de ontvlambare lucht uit te laten. Ware er nu niet op den ballon gevuurd en deze daardoor gescheurd, dan had ik als Mahomet tot den jongsten dag tusschen hemel en aarde kunnen zweven."

Den wagen schonk hij daarop grootmoedig aan mijn stuurman.

Sluiten