Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZESTIENDE HOOFDSTUK.

Onze Baron overtreft Baron De Tott in ieder opzicht, doch slaagt niet geheel in zijne pogingen. — Hij geraakt in ongenade bij den Grooten Heer, die bevel geeft, hem het hoofd af te slaan. — Hij ontvlucht aan boord van een schip, waarin hij naar Venetië gebracht wordt. — Baron De Tott's afkomst.

Baron De Tott maakt in zijne „Gedenkschriften" evenveel beweging van eene eenvoudige daad als menig reiziger, die zijn geheele leven heeft doorgebracht met den geheelen aardbol om te trekken; wat mij betreft, zoo ik door den mond van een kanon uit Europa naar Azië geschoten ware, zou ik er later minder mede gebluft hebben dan hij gedaan heeft over het afvuren van een groot stuk I urksch geschut. Wat hij zegt van dezen verwonderlijken vuurmond is, voor zoover mijn geheugen mij niet bedriegt, het volgende:

„De Turken hadden nabij de stad, voorbij 't kasteel aan den oever der beroemde rivier de Simois, een ontzaglijk stuk koperen geschut geplaatst, dat een marmeren kogel van elfhonderd pond gewicht kon afschieten. Ik had lust om het af te vuren, om eens behoorlijk over de uitwerking te kunnen oordeelen. Het volk om mij heen beefde en rilde, omdat het geloofde, dat kasteel en stad er door vernield zouden worden. Eindelijk be-

Sluiten