Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zaten hen door de wouden achterna, daar hun eigen vlammen ons tot gids strekten, totdat wij voor het opgaan der zon allen doodgeschoten of verstrooid hadden.

Eindelijk naderden wij de grenzen van een onmetelijke woestijn — eene onafzienbare vlakte, die zich van alle zijden als een oceaan uitstrekte. Geen boom, grasje of blaadje zag men er, maar slechts zand, hier en daar met goudpoeder en kleine schitterende pareltjes vermengd.

Het goudpoeder en de parelen kwamen ons van weinig waarde voor, omdat wij in de eerste tijden niet naar Engeland gingen. Op grooten afstand zagen wij eene soort van kolom van rook tegen den horizon uitkomen, en toen we door onzen telescoop keken, ontdekten wij dat het een dwarrelwind was, die het zand opjoeg en het met ontzettend geweld in de hoogte wierp.

Onmiddellijk beval ik mijn gezelschap een flinken dam rondom ons op te werpen, hetgeen wij met bewonderswaardige vlijt en volharding tot stand brachten, en dien wij vervolgens met planken en zeil bedekten, die wij daarvoor meegenomen hadden. Nauwelijks was onze arbeid voltooid of 't zand kwam als de golven der zee aanrollen; het was tegelijkertijd een storm en een zee van zand. Het bleef in dezelfde richting zonder ophouden voorwaarts rollen, en bedekte zóó geheel en al den dam, dien wij hadden opgericht, dat wij er onder begraven werden.

De hitte was ondraaglijk; maar door het ophouden van het geraas vermoedende dat de storm voorbij was, trachtten wij een gat te maken, hetgeen ons dan ook gelukte. Toen wij er uit waren, bespeurden we dat alles zoodanig met zand bedekt was, dat men geen heuveltje meer zag, maar slechts ééne groote vlakte met ongelijkheden of rimpels er over als de golven der zee.

Wij sjorden nu spoedig ons rijtuig en al 't andere uit het

Sluiten