Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar.... hij vergat, dat Anna een Christin, en dat haar man een Christen was en hij wist misschien niet eens, dat Christenen nu juist het tegenovergestelde moeten doen en, dat goede Christenen ook werkelijk het tegenovergestelde doen van wat hij wilde, dat zij doen zouden. — Toen Markus binnenkwam, schrikte Anna; want, daar ze van tijd tot tijd nog wel eens in L. kwam, kende ze Markus heel goed en wist ze, welk soort jongen hij geworden was. Het yerwonderde haar niets, dat hij haar vroeg hem te verbergen, maar ze dacht er geen oogenblik over het te doen, „want," zei ze „ik zou dat wel kunnen doen, wat de gelegenheid betreft; maar dan zou ik moeten liegen tegen de menschen, die u hier komen zoeken en ge zult toch niet willen, dat ik lieg." Markus wist ook daarop raad en zei: „Wel neen, dit behoeft ge niet te doen; ik zal me zelf verstoppen en dan kunt ge, zonder te liegen, zeggen, dat ge volstrekt niet weet, waar ik ben."

„O Markus," antwoordde Anna, „hoe ver zijt ge van de waarheid afgeweken, als ge meent, dat dit waarheid is, als men den menschen een nevel voor de oogen hangt, hen misleidt. Ik zou immers toch weten, dat ge in mijn huis zijt, al weet ik niet precies het plaatsje en dan... ik zou u helpen om iets verkeerds te doen. Daarenboven moet mijn man eerst alles weten."

Markus kon dit alles moeilijk begrijpen; maar toch vatte hij zooveel, dat hij hier niet veilig was en daarom nam hij een snel besluit. „Als het zoo staat," zei hij, „dan blijft mij niets over, dan weer zoo gauw mooglijk heen te gaan." — „Laat ik

Sluiten