Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

,,'t Lijkt me juist het karretje van boer Roesting," zei

Treeske, scherp turend, „ja, hij is het ik herken het

karretje en den bruinen bles .... de boer zelf zit er in

er zal toch wel niets met Jan zijn gebeurd!" en zij spoedde zich naar buiten om de komst van het wagentje af te wachten. „Is alles in orde met Jan?" riep Treeske, nog eer het wagentje stilhield.

„Hij maakt het best, hoor! Wim heeft gister nog een brief gehad vol aardigheden en grappen .... Ik zal even Bles op stal zetten, Treeske, dan kom ik bij jullie in de kamer .... ik heb oom en tante en je zelve wat te vertellen." Met spanning werd boer Roesting's komst afgewacht, het duurde dan ook niet lang, of hij trad binnen.

„Ja," zeide hij, Treeske aanziende, „ik kom eens praten over tante Trui, zij is er niet best aan toe, en de stakkerd ligt daar heel alleen, met niemand bij zich behalve doove Griet." Hij vertelde nu in korte woorden alles wat hij van ouden Bram had gehoord, en zag daarna Treeske afwachtend aan.

Bleek en rood wisselden zich af op 't gelaat van het jonge meisje; zenuwachtig bewoog zij zich op haar stoel, en verfrommelde zij een papier dat op de tafel lag.

„Wat meent u dat ik voor tante doen kan, boer Roesting?" vraagde zij aarzelend, toen de boer ophield met spreken.

„Wat het hart je ingeeft, Treeske."

„Oom, tante, wat zal ik doen?" herhaalde zij met smeekenden blik op het geliefde tweetal.

„Wat het hart je ingeeft, Treeske," zeiden ook dezen.

„Zou u denken dat tante mij bij zich wil hebben, boer Roesting? zij gelooft immers altijd nog dat ik het gedaan heb."

„Dat moet zij zelve weten .... maar dat verandert op het oogenblik niets aan de zaak voor jou, Treeske.... vraag je zelve af wat je ouders zouden zeggen."

Vastbesloten stond Treeske nu op; „ik ga met u meê, boer Roesting, — God geve dat ik wat voor tante doen kan.... ik zal me gauw klaar maken." In het voorbijgaan

Sluiten