Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

9. G. De aan een vordering tot betaling van erfpachtscanon vastgeknoopte eisch tot betaling van verboekingsrecht, werd implicite als een accessoir der eerste beschouwd door Rb. Haarlem 21 Juni 1887, P. v. J. 1887 Bijbl. 27; zie dit vonnis, vernietigd door Hof Amst. 8 Febr. 1889 W. 5708, P. v. J. 1889 no. 60, op art. 38 R. O. — De Rechtbank schijnt over het hoofd te hebben gezien dat, al moet een eisch, om accessoir te heeten, ondergëschikt zijn aan de hoofdvordering, dit niet hetzelfde is als van ondergeschikt belang, in vergelijking met de andere vordering.

8. H. Twijfel rijst of een vordering tot schadevergoeding, verbonden met die tot ontbinding eener wederkeerige overeenkomst wegens wanprestatie (art. 1803 B. W.), als een accessoir van deze laatste, dan wel als een zelfstandige vordering moet worden beschouwd. Voor het accessoir karakter Rb. Assen 20 Okt. 1884 W. 5423 (zie dit vonnis op art. 42 R. O.); Ktg. Vianen 31 Mei 1860 W. 2508 (zie sub Alg. Begins. VIII no. 9); Ktg. Schiedam 9 Aug. 1864 W. 2615 (zie sub Alg. Begins. VIII no. 14). Zoo ook het vonnis van Rb. Tiel, gecasseerd door H. R. 28 Mei 1852 W. 1336, R.spr. 42 § 9, v. d. Hon. B. R. 14 p. 394, welk arrest deze vraag niet uitdrukkelijk beantwoordde. Vgl. ook Faure, Proc.recht I, 3e ed. p. 251, in gelijken zin als de hier voorafgaande jurisprudentie. Daarentegen achtte Rb. Tiel 26 Dec. 1856 W. 1857 in dit geval aanwezig een tweeledige hoofdvordering (vgl. sub Alg. Begins. VIII no. 9). De laatste opvatting schijnt in het algemeen de juiste, als men ten minste oordeelt dat een eisch slechts dan accessoir is, waar hij is ondergeschikt aan en afhankelijk van den anderen; vgl. hierna no. 21. Immers, al is de eisch tot schadevergoeding afhankelijk van dezelfde oorzaak als die tot ontbinding (dezelfde wanprestatie), is hij het daarom óók van die vordering tot ontbinding zelf? Of staat hij veeleer daarmee, in den regel althans, op één lijn, zonder er uitteraard ondergeschikt aan te zijn? (Een samenhangende, z.g. neven-, juister: bij-vordering, wat niet hetzelfde is als bijkomstige of accessoire vordering). Ter beantwoording van bovenstaande vragen stelle men zich nog deze: is het recht op schadevergoeding

Léon: Hecht sprank, 3e Druk, Deel II, afl. 1. 6

(Mr. L. van Praag, Recht. Org.)

Sluiten