Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

d. De interlocutoire, vonnissen worden in onze wet soms genoemd naast incidenteele vonnissen, vgl. art. 387 lid 2 Rv., en ook wel in tegenstelling met vonnissen op een incident, vgl. artt. 355 lid 1, 356 lid 2 jo. lid 1, 634 Rv. Een praeparatoir of interlocutoir vonnis kan echter zeer goed tegelijk zijn een incidenteel vonnis (wat niet hetzelfde is als een vonnis op een incident, vgl. no. 3 hiervóór), als gewezen in den loop van het proces, en ondergeschikt aan het vonnis op de zaak zelf. Vgl. de Pinto, B. R. V. 2e ed. II, 1 § 265 p. 498.

e. Over de interlocutoire vonnissen vgl. Garsonnet 1.1. § 1044 p. 399: „jugements... interlocutoires. .. préjugent san-s juger... de ld vient.. . [qu'ils] ne lient [pas] le juge". Vgl. hierbij Pothier, Traité des Obligations no. 851. Ygl. ookJ. v. Loon, Interlocutoir, diss. Gron. 1888, — aangekondigd in W. 5652 door A. A. dè P(into) —, p. 11—12, 19, 50—51, 56, 58 en 62. Zie aldaar p. 55—81 het hoofdstuk over den regel 1'interlocutoire ne lie pas le juge. (Bij het gebruik dezer overigens veel goeds behelzende dissertatie lette men er op dat de daar geciteerde jurisprudentie vaak door den schrijver verkeerd is begrepen.) — Over den regel 1'interlocutoire ne lie pas... vgl. Léon—v. Rossem nos. 5 en 34 op art. 46 Rv., en J. P. A. N. Caroli, Het interlocutoir vonnis, enz. diss. Leiden 1885 p. 316 — 329 in verband met het daar voorafgaande. — De bedoelde regel wordt m. i. voldoende verklaard uit het gemis van gezag van gewijsde bij het interlocutoir. Over de vraag inhoever uit den aangeduiden regel volgt dat de rechter zijn eens gegeven interlocutoir (of praeparatoir) vonnis zelf mag wijzigen of intrekken, raadplege men de in dit no. 4 geciteerden, speciaal ook Lacoste (zie hieronder). Het argument voor de onherroepelijkheid eener beslissing, dat de rechter van de zaak af is — il s'est déjugé — gaat niet op bij het interlocutoir. Daarmee toch is de zaak niet afgedaan.

De reden dat aan interlocutoire en praeparatoire vonnissen als zoodanig (d. w. z. voorzoover ze niet tevens bevatten een eindbeslissing over een rechtsverhouding van partijen, zie hieronder sub f) geen gezag van gewijsde toekomt — vgl. Pothier

Sluiten