Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ter zake van onderhoudsplicht acht de heerschende jurisprudentie den strafrechter wel gebonden aan de liggers door de bevoegde administratieve macht opgemaakt, maar hieruit volgt niet dat zij even algemeen, waar geen ligger aanwezig is, het geschilpunt over den onderhoudsplicht den strafrechter onttrokken acht (vgl. echter hierna no. 88 sub d; alwaar zie mede over de Jonge t. a. p. geciteerd). Hiertoe bestaat m. i. ook geen reden, en zelfs kan het kwestieus worden geoordeeld of de jurisprudentie zich terecht in deze aan de liggers gebonden verklaart. Zie op dit punt nader nos. 88—97 hierna.

In belastingzaken neemt de jurisprudentie in den regel aan dat de strafrechter niet een voorafgaande beslissing van het admin. gezag behoeft af te wachten. Dit m. i. terecht. Vgl. op dit punt nader no. 40 jo. no. 42 sub b en c hierna.

38. e. Het in de arresten van 1885 en 1896 (hiervóór in no. 27 sub a geciteerd) gehuldigde beginsel is toegepast in de volgende beslissingen:

Bij een strafvervolging wegens stoornis eener godsdienstoefening had, onder heerschappij van art. 260 C. P. (zie nu art. 146 Swb.), de rechter te onderzoeken of de godsdienstige gemeente, wi^r oefening gestoord werd, wettig bestond. Dit doende trad hij niet op verboden kerkelijk-administratief terrein. — In dien zin H. R. 12 April 1865 W. 2698, R.spr. 79 § 55, v. d. Hon. Sr. 1865 p. 194, R. B. 1866_'p. 25.

3». ƒ. De ambtenaar, die in bepaalde gevallen heeft te constateeren of zekere verbeteringen, bevolen bij een Raadsbesluit, waarbij wordt geëischt dat de verbetering in staat stelle „goed water in voldoende mate" te leveren, al dan niet voldoen, — velt daaromtrent geen onherroepelijk oordeel, omdat ook deze vraag aan de beslissing van den strafrechter wordt onderworpen. — Zoo H. R. 27 Dec. 1897 (overweging ad VII) W. 7062, R.spr. 177 § 51, v. d. Hon. G. Z. 43 p. 184, P. v. J. 1898 no. 6.

Dit geval is een voorbeeld van een z.g. „Massbestimmung" als element eener overtreding. Tenzij dit volgt uit de haar opgedragen taak, komt hierover niet aan de administratie het

Sluiten