Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vrijstelling van dienst bij de brandweer (vgl. no. 38 hiervóór). Bij niet-strafbaar-verklaring van een beklaagde, op grond dat hij ten onrechte bij de brandweer is ingelijfd, daar hij moest zijn vrijgesteld (aangenomen na dit is in een gegeven geval praejudicieel voor de strafbaarheid), zou een beslissing van het administratief gezag dat hij geen aanspraak heeft op vrijstelling, in het geheel geen effekt meer hebben, en dus de bepaling, die de beslissing hierover aan bedoeld gezag opdraagt, haar doel missen, als de betrokkene niet opkomt, en een strafvervolging afwacht.

Echter is dit resultaat dan niet het gevolg hiervan, dat de strafrechter praejudicieel heeft beslist over het aan het administratief gezag opgedragen geschilpunt. Had hij zich daarvan onthouden, de uitkomst kon dezelfde zijn geweest, vgl. p. 270 hiervóór. En hoe ook het strafvonnis luidt, de opdracht der beslissing van het bedoelde geschilpunt aan het administratief gezag mist haar doel niet, waar de administratieve beschikking nadat de termijn tot reklame is verstreken, respektievelijk ook de administratiefrechterlijke uitspraak, kan geëxecuteerd.

Dat overigens, ook als het oordeel van den strafrechter over een publiekrechtelijk element van het delikt administratie en administratieven rechter niet mocht binden (vgl. hierna nos. 68 jo. 54), deze in de praktijk er toch mee rekening zullen houden (zie de voorgaande noot), kan geen argument zijn om den strafrechter zulk een beoordeeling te willen ontzeggen, noch naar geldend recht, noch ook m. i. de iure constituendo.

c. Bij het hierboven gezegde vergelijke men ook de hierna in nos. 62 en 63 vermelde opvatting, dat de strafrechter zelfs niet aan een voorafgaande beslissing van het administratief gezag gebonden is. (Zie aldaar speciaal het reeds hiervóór in no. 40 genoemde arrest Hof 's-Hertogenbosch van 3 April 1901). AVie deze opvatting algemeen huldigt, zal wel a fortiori moeten aannemen dat, waar er nog geen beslissing is van bedoeld gezag, de enkele opdracht dier beslissing bij de wet niet kan medebrengen onthouding van den strafrechter ten aanzien van het

18

Sluiten