Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der beslissing aangenomen. Behoudens revisie. Dit middel zou ook de iure constituendo de oplossing kunnen geven van de moeielijkheid, waarop is gewezen door Lüzac bij Voorduin, B. W. 5 p. 535, en door Faure, Proc.recht II, 4e ed. p. 319—321, — welke moeielijkheid door de Fransche schrijvers ook wordt aangevoerd als argument voor het absoluut gezag van het strafvonnis in burgerlijke zaken — te weten dat de publieke opinie zou worden geschokt, als een civiel vonnis ontkende wat de strafrechter heeft aangenomen, terwijl de veroordeelde toch zijn straf moet ondergaan ]). Als zulk argument kan de bedoelde moeielijkheid niet dienen, waar zij door uitbreiding van het middel van revisie kan worden ondervangen. Hier, waar de rechtszekerheid niet eischt onderzoek naar mogelijke mistasting des rechters af te snijden, zal m. i. moeten gelden: beter ten halve gekeerd dan ten heele gedwaald. — In plaats van revisie zou men ook kunnen openen den weg, aangegeven in artt. 262—274 Ontw. 1905 Wetb. v. Adm. Rv., waarbij vgl. § 28 der Mem. v. Toel. en vooral het Advies van den Raad van State mèt het Rapport van den Minister van Justitie op artt. 186—198 van het oorspronkelijk ontwerp 2).

G». e. Gebondenheid van den strafrechter aan beslissingen in de administratieve rechtspraak.

aa. Zie hiervóór nos. 45 en 46 over de vragen, of uitspraken van den administratieven rechter gezag van gewijsde hebben, ook waar de wet dit niet bepaalt, en of zij ook een ander rechter dan den administratieven zelf kunnen binden, — alsmede no. 47 over die of bedoeld gezag geldt voor iedereen, dan wel enkel voor de betrokken partijen. — Vgl. ook p. 281 — 282.

1) Vgl. ook Faustin—Hélie (geciteerd in no. 58 i. f. hiervóór), no. 1421.

2) Is naar hetgeen hiervóór in no. 57 is gezegd, het eigenlijk onderwerp van het strafvonnis de bloote veroordeeling, vrijspraak, ontslag van rechtsvervolging, of niet-ontvankelijkverklaring van het O. M., — dan heeft, omdat de overwegingen over de elementen van het delikt in dat geval enkel niet bindende motieven zijn, op bedoeld punt de Raad van State, hier in den tekst geciteerd, gelijk tegenover den Minister van Justitie.

Sluiten