Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gewijsde). Vgl. ook het hieronder sub cc gezegde over art. 52 der Beroepswet 1902. Zie mede de laatste noot op het volgend no. 63.

Voor het ius constituendum vgl. hieronder p. 323.

bb. Dat de H. R. gebondenheid van den strafrechter aan beslissingen van' den administratieven in z.g. geschillen van bestuur niet uitgesloten acht, zou misschien kunnen worden afgeleid uit de motiveering van arresten als dat van 7 Okt. 1857, geciteerd hiervóór in no. 39, in zoover nl. dit arrest hierop is gegrond, dat er toen geen geschil van bestuur was. Verder uit de arresten van 3 Mei 1864, van 1 April 1902 en van 23 Dec. 1907, vermeld in no. 38 hiervóór; alsmede uit het arrest van 10 Maart 1902, genoemd hiervóór in no. 36 (n.1. voor wat betreft de daai bedoelde beslissing van Ged. Staten). Vgl. echter het in no. 38 i. f. en in no. 51 gezegde. Zie aldaar ook over de t a. p. geciteerde arresten in zake onderhoudsplicht. — Hierbij vgl. ook de concl. O. M. vóór H. R. 24 Dec. .1906, vermeld hierna in no. 76.

cc. In het Reg.-Antw. op het Verslag der Commissie van Voorbereiding van de Tweede Kamer over de Beroepswet 1902 Stbl. 208, aangehaald hiervóór in no. 41 (vgl. ook dit no. 41 zelf), is gezegd (1.1. p. 40 kol. 1; vgl. het Verslag 1.1. p. 39 kol. 2) dat het bedenkelijk zou zijn den strafrechter te binden aan de beslissing van den rechter voor de ongevallenverzekering omtrent een element van het ten laste gelegde delikt, omdat dit inbreuk zou maken op de vrijheid van oordeel des strafrechters, die dan zou hebben te veroordeelen tegen eigen overtuiging in.

Wat geldt intusschen thans op dit punt ? — In ongevallenzaken wordt de uitspraak slechts gegeven voor de daarbij betrokkenen, niet voor iedereen. Zijn nu, als beklaagde is hij, die beroep had ingesteld tegen de beslissing der Rijksverzekeringsbank, partijen in de twee gedingen dezelfde ? Zeker niet zoo men meent dat art. 52 lid 1 der Beroepswet meebrengt dat de Staat niet als de eigenlijke partij in het ongevallengeschil mag beschouwd. Echter is dit artikel m. i. hier niet beslissend wegens

het hierboven sub aa i. f. opgemerkte. — Maar, al laat men

21

Sluiten