Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voor Ktg. Assen s. d. (1876) vgl. hierna no. 92 sub k i. f.

e. Over de kracht der liggers ten opzichte van onderhoudsplicht zie tegen de leer der voormelde jurisprudentie van den H. R.: S. M. S. de Ranitz in Themis 1859 p. 557—562, 1861 p. 280—281, en 1886 p. 58—66. —- Vóór de bedoelde leer: H. v. Loghem in Themis 1865 p. 5. Zoo ook R. Adv. 6 p. 14—18. Zie verder daaromtrent de hierboven sub a geciteerde dissertaties van Milders p. 4, 11—12, 49-51, 58, 63 en 80, en van Beucker Andre« p. 45—52, alsmede die van C. J. H. Schepel, Wegenrecht in Nederland, Gron. 1895 p. 27—40. Zie ook Roëll 1.1. p. 203—204, en H. C. A. Thieme in Opm. en Med. 14 (1861) P- 214—216. Vgl. nog L. F. G. P. Schreuder, De plaatselijke strafwetgeving en politie, 1875 (aangekondigd in G. st. 1204, 1206, 1208) p. 369—385. — Voorts G. st. 1157 en W. B. A. 1279.

Bij dit no. 88 vgl. ook'.nos. 89 en 92.

8». ƒ. In het geval, behandeld bij het in den aanhef van het vorige no. 88 sub b vermelde arr. H. R. van 2 Nov. 1903 (gewezen contra O. M., dat den ligger geëerbiedigd wilde zien), werd van den strafrechter toepassing gevraagd van een prov. reglement op waterlossingen, zelf bepalend wat daaronder was te verstaan. De H. R. besliste dat, nu de toepasselijkheid van het reglement krachtens bedoelde bepaling afhing van de bestemming van den waterloop1), de strafrechter hiernaar zelfstandig onderzoek had te doen, zonder gebonden te zijn aan de opvatting van het administratief gezag, bij de vaststelling der liggers omtrent die bestemming gehuldigd, waarover dit gezag naar het reglement geen [bindende] beslissing had te geven. Inderdaad was dit punt louter praejudicieel èn voor het admin. gezag bij het vaststellen der liggers èn voor den strafrechter, die het daarom zelfstandig had te onderzoeken. — Gemeld arrest is niet in strijd met de

!) Deze bestemming moest n.1. zijn om in het algemeen belang water te ontvangen. Het arrest gold dan ook niet de vraag of de waterloop openbaar was. De bestemming ten algemeenen nutte was hier niet een tot algemeen gebruik, die het recht van den eigenaar om het publiek uit te sluiten zou opheffen.

Sluiten