Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schapen, als zoodanig door den van Rijkswege aangestelden rechter te aanvaarden (zie het hierboven sub b • voor strafzaken gezegde). Ygl. in dien geest ook Vitringa in R. Mag. 25 p. 558 v. o. ja. p. 545. Wat hij daar opmerkt betreffende de openbaarheid, geldt evenzeer ten opzichte van den onderhoudsplicht. Dit is ook het geval met hetgeen hij zegt 1.1. p. 544 v. o., 546, 553—556, en 565—566, althans voorzoover de liggers niet onderhoudsplicht opleggen.

99, a. Neemt, men aan de bevoegdheid om bij verordening onderhoudsplicht op te leggen, dan blijft het toch nog de vraag, of die bevoegdheid kan toekomen aan het uitvoerend gezag, dat de liggers vaststelt, — een vraag, die in het slot van het hiervóór (in no. 88 sub c jo. b) geciteerde arr. H. R. van 19 Febr. 1906 bevestigend is beantwoord. — Zie echter in anderen zin G. st. 615 p. 2 en 717. — G. st. 1206 p. 1 kol. 3 v. o.—p. 2 merkt op dat er geen verboden delegatie is, waar de verordening zegt dat wie van ouds onderhoudsplichtigen zijn, als zoodanig op de liggers moeten gebracht. Dit is juist, mits die liggers dan ook niet als den rechter bindend worden aangemerkt, hem belettend te onderzoeken óf er is onderhoudsplicht van oudsher. — Vgl. hierbij ook G. st. 1157 p. 2 kol. 1 en W. B. A. 1279 p. 1.

b. De bevoegdheid om bij verordening onderhoudsplicht op te leggen is, onder de oude waterstaatswetgeving ontkend voor waterschappen door H. R. 17 Jan. 1865 W. 2667, R.spr. 79 § 7, v. d. Hon. Sr. 65 p. 14 (zie dit arrest bij Léon—v. Emden, Staatsrecht, 2. ed. II p. 439), en door H. R. 31 Mei 1887 W. 5441, R.spr. 146 § 23, v. d. Hon. G. Z. 36 p. 352, W. B. A. 1996. — Met dit laatste arrest stemt in W. B. A. 1997 en 2009. Ook J. M. Hoog in W. 7740 p. 3—4. Het is bestreden door H. Vos in Bijdr. St.-best. 29 p. 344—348. Zie H. Vos en Red. in W. B. A. 2013. — Vgl. ook tegen het arrest van 1865 de concl. van Adv.-Gen. Polis vóór H. R. 16 Dec. 1878 W. 4337, v. d. Hon. G. Z. 31 p. 218. — Anders dan de H. R., Ktg. Terborg .5 Juni 1889 AV. 5747, W. B. A. 2110; vgl. ook Ged. St. Z.-Holl. 30 Okt.

Sluiten