Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij de hierboven geciteerde motiveering der voormelde arresten in zake openbaarheid, sluit zich mede aan die van het niet op liggers betrekking hebbend arr. H. R. van 25 Nov. 1895 W. 6742, R.spr. 171 § 32, v. d. Hon. Sr. 1895 p. 415, P. v. J. 1896 no. 3, een geschilpunt van burgerlijk recht in de strafzaak aanwezig achtend, waar een beklaagde beweert gerechtigd te zijn tot het betreden van een pad, — waarvoor het arrest aanvoert dat, als de bezitter of eigenaar van het pad bij den burgerlijken rechter opkomt tegen den betreder, als inbreuk makend op zijn uitsluitend recht en op de vrije uitoefening van zijn eigendom, het geschil betreft eigendom of daaruit voortspruitende rechten. — In gelijken geest, waar de beklaagde grondeigenaar beweerde gerechtigd te wezen tot het versperren van een weg, als zijnde deze niet meer openbaar: H. R. 21 Okt. 1907 W. 8603. — Zie nader hieromtrent op art. 2 R. O., in verband met de jurisprudentie in burgerlijke zaken, de competentie der rechterlijke macht in deze op gelijke gronden aannemend.

Bij de motiveering der hierboven geciteerde arresten van 1883 en 1887 vgl. ook Vitkinga 1.1. p. 568—569.

c. Van de lagere colleges beslisten in strafzaken evenals de tegenwoordige jurisprudentie van den H. R.: Hof Z.-Holl... Nov. 1855 W. 1706; Rb. Dordt 9 Dec. 1904 W. 8177 (beide implicite); Rb. 'sGrav. 4 April 1878 W. 4306, W. B. A. 1538; Rb. Arnhem 4 Dec. 1877 W. 4202, W. B. A. 1495, vernietigend Ktg. Arnhem 24 Okt. 1877 W. en "W. B. A. 1.1., welk laatste vonnis, wegens de bepaling in het prov. reglement dat de ligger zou dienen tot grondslag ter beoordeeling van alle wederrechtelijke handelingen (zie hieromtrent hiervóór no. 95 sub d en hierna no. 100), — anders had beslist. Met bedoelde beslissing van den Arnhemschen Kantonrechter stemt in W. B. A. 1498—1500.

Tegen gebondenheid van den rechter in deze aan den ligger verder Ktg. Meppel 26 Sept. 1896 W. 6876, aldus overwegend: Uit den ligger blijkt alleen dat zij, die hem vaststelden, den betrokken weg als openbaar beschouwden, niet dat zij aan dien

Sluiten