Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tentie in tegenstelling met 's rechters bevoegdheid in ruimeren zin. — Vgl. voor .ambtsdaden de gevallen, genoemd door G. A. v. Hamel in T. v. S. I p. 276—283. Die aldaar behandeld op p. 276—278 betreffen de competentie van den ambtenaar '). Insgelijks dat van p. 282 nt. 3 i. f. Maar de andere (1.1. p. 281— 283) raken wèl de wettigheid der ambtsdaad, doch of zij ook op des ambtenaars competentie betrekking hebben, kan althans worden betwijfeld.

5. Mist een handeling de gevolgen eener wettige bestuursdaad, waar zij niet ligt binnen den formeelen bevoegdheidskring van den ambtenaar, die ze verrichtte, onafhankelijk van diens eigen opvatting hieromtrent, — a fortiori geldt dit, als de dader meende de ambtelijke hoedanigheid te bezitten, doch deze inderdaad niet heeft tengevolge van zulk een gebrek in zijn aanstelling (hetzij benoeming of verkiezing), dat deze radikaal nietig maakt, zoodat zij rechtens als niet geschied moet aangemerkt. Vgl. daaromtrent no. 31 hierna, alwaar nog verschillende voorbeelden van gevallen, waarin het twijfelachtig kan worden geacht, of de benoeming of verkiezing, zoo het beweerde verzuim was gepleegd, als radikaal ongeldig moest beschouwd, — en dus óók, of de daden van den benoemde, respektievelijk gekozene, uitgingen van het formeel competente gezag, hetzij in een staatsrechtelijk lichaam (polder), hetzij in een kerkgenootschap. Analoog aan de hier bedoelde gevallen zijn die, waarbij het de vraag geldt, of een aan een ambtenaar gegeven ontslag of schorsing, al dan niet radikaal nietig is. Vgl. hierna no. 10 (2) sub a, no. 15 sub d en no. 31 sub e.

Een radikale nietigheid, als boven bedoeld, is aanwezig, waar de aanstelling, ontslag of schorsing, niet uitging van het daartoe competente gezag. Het is, dunkt mij, duidelijk dat de rechter in zulke gevallen de wettigheid der aanstelling, enz. zal hebben te onderzoeken, zoo de vraag of zekere daad de gevolgen eener wettige ambtsdaad heeft, praejudicieel is voor zijn uitspraak.

!) Ten opzichte van het 1.1. p. 276 gezegde vgl. hierna no. 31, speciaal sub e.

Sluiten