Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wet alleen mag worden gegeven, beschouwt de jurisprudentie, waar deze vraag in dien vorm ter sprake komt, in den regel niet als een doelmatigheidskwestie, maar als een vóór deze laatste door de verordenende autoriteit te onderzoeken wettigheidsvraag, die niet is onttrokken aan het oordeel der rechterlijke macht, dan voorzoover dit uit een speciale wetsbepaling wordt afgeleid. Vgl. behalve nos. 3—5 ook no. 10.

Intusschen moet in het oog worden gehouden dat, al is het bovenstaande uit de na te. noemen jurisprudentie gedistilleerd, daarmee niet is gezegd dat zij steeds bewust van den voorschreven gedachtengang uitgaat. Veeleer toont de tegenstelling in de motiveering ten aanzien van provinciale en van gemeente-verordeningen, dat de H. R. hier meer hecht aan de letter der artt. 140 Prov.wet en 135 Gem.wet dan aan het zoeken naar een beginsel, waarbij deze twee artikelen tot éénzelfde logische gedachte zijn terug te brengen. Vgl. ook de noot op p. 525 hierna.

3. Voor koninklijke besluiten, strekkende ter uitvoering der Rijkswet is beslist:

a. De rechter, gesteld voor de vraag of een bepaling in een Kon. Besl., uitgevaardigd ingevolge art. 1 wet 28 Febr. 1891 Stbl. 69, is gegeven ter verzekering ') van het doelmatig en veilig gebruik van een Rijkswaterstaatswerk, — heeft alleen te onderzoeken of dit voorschrift het doelmatig en veilig gebruik van zoodanig werk betreft, en tot verzekering daarvan kan strekken: doch niet of de bepaling werkelijk doelmatig en juist is, wat ter beoordeeling is overgelaten aan het gezag, dat de voorschriften geeft. — In dien zin H, R. 22 Jan. 1900 W. 7396, R.spr. 184 § 18, v. d. Hon. G. Z. 45 p. 14, P. v. .J. 1900 no. 15, W. B. A. 2647.

Vgl. bij dit arrest de daarmee geheel in dezelfde lijn zich bewegende jurisprudentie over art. 135 Gem.wet hierna in no. 5.

!) Deze uitdrukking van gemeld art. \ laat twee opvattingen toe, een subjektieve en een objektieve. Bedoeld kan zijn öf dat de Regeering het K. B. heeft uit te vaardigen met het doel van bescherming, enz., óf dal het K. B. daartoe metterdaad moet strekken, dus in dit opzicht doelmatig moet zijn.

Sluiten