Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ting, staatsrechtelijk was geoorloofd, doordat de wet hun geen beperkingen voorschreef in hun recht tot aanstelling, zoodat hun het eindoordeel verbleef over de vraag of daartoe behoorde te worden overgegaan, — en dientengevolge de benoeming als wettig door den rechter was te eerbiedigen. Ook hier hing de wettigheid der betwiste daad niet van haar doelmatigheid af. — Ygl. voor de feiten in deze zaak, Pasicrisie Alph. Ged. I i. v. Admin. en Regt. Magt no. 64.

13. Voor ter uitvoering van wettelijke voorschriften strekkende besluiten, die niet zelf onder de algemeene verordeningen kunnen gerangschikt, — is het beginsel dat de rechter niet treedt in een onderzoek naar de doelmatigheid van administratieve maatregelen toegepast in de beslissingen, opgenomen in dit no. 13 en de volgende nos. 14—20; vgl. ook hiervóór no. 11 sub b.

a. De vraag of de uitvoering eener gemeenteverordening bij bizonder Raadsbesluit voor een konkreet geval gegeven, in overeenstemming is met de eischen der openbare gezondheid, ten behoeve waarvan de verordening was uitgevaardigd, — staat niet ter beoordeeling van den rechter. Evenmin die, of een omschrijving in het Raadsbesluit gebezigd, genoeg bepaald en wel gekozen was '). — Zoo H. R. 27 Dec. 1897, vermeld op p. 253 (overweging ad V en YI; voor die ad YII vgl. p. 253). Naar de verordening moest het Raadsbesluit aanwijzen de — voor de openbare gezondheid — noodzakelijke verbeteringen. Betwist werd nu dat de voorgeschreven verbetering noodzakelijk was voor de openbare gezondheid. De bewering dat zij eigenlijk betrekking had op de partikuliere belangen der huurders, en niet op de openbare gezondheid, werd overigens door den H. R. als onjuist verworpen. — Hier was, althans naar de redaktie der verordening (zie overweging ad VIII in het arrest), de wettigheid van den uitvoeringsmaatregel afhankelijk van zijn noodzakelijkheid voor het betrokken algemeen belang, en achtte . de H. R. den rechter toch niet bevoegd dit punt te onderzoeken. Ygl. hierna no. 22 A aanhef j°. sub b (2°) en (3°).

!) Vgl. het volgend no. 14 i. f.

Sluiten