Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

620 Inleid, wet R. O. — Alg. Begins. XVII.

vgl. de sub c hieronder aangehaalde overweging van het daar vermelde vonnis Rb. Breda. Zie hiervóór p. 469.

c. Naar aanleiding van art. 126 sexies Prov.wet besliste H. R. 8 Febr. 1909 W. 8824, P. v. J. 834, W. B. A. 3135 (vgl. 3134) aldus: Daar de Prov.wet geen voorschriften bevat omtrent de verhouding tusschen gebruik en geheven belasting bij de in art. 1265is sub e dier wet bedoelde retributiën, is de regeling hiervan overgelaten aan de Prov. Staten onder het toezicht der Kroon, en daardoor onttrokken aan de beoordeeling van de rechterlijke macht. In gelijken zin de concl. O- M. vóór dit arrest, op grond dat de rechterlijke macht zich onmogelijk een oordeel op dit punt zou kunnen vormen, en alléén de administratie daartoe in staat is. Buitendien argumenteerde deze conclusie in gelijken geest als het vonnis a quo, Rb. Breda 10 Sept. 1908 W. 8767, W. B. A. 3094, waarbij was overwogen dat een onderzoek naar de vraag, of hetgeen een provincie bij wijze van retributie vordert, en hetgeen zij daarvoor aanbiedt, aan elkaar evenredig zijn, den rechter zou brengen tot de hem bij art. 11 wet Alg. Bep. verboden beoordeeling van de innerlijke waarde der provinciale verordening ').

d. Bij dit no. 25 vgl. ook no. 45 sub c hierna.

3©. In een vordering tot verhaal van verstrekten onderstand, krachtens art. 72 Armenwet ter competentie der rechterlijke macht, heeft deze wèl te onderzoeken of onderstand is verstrekt, en of dit op gedaagde mag verhaald, — doch' niet of er voor het armbestuur bestond noodzakelijkheid om onderstand te verleenen, noch ook hoeveel en op ivelke wijze. Art. 22 der Armenwet draagt de beslissing over gemelde noodzakelijkheid op aan het daar genoemde administratief gezag, waardoor de beslissing van dit gezag door de rechterlijke macht als vaststaande grondslag van beoordeeling moet worden aangenomen. — Zoo (gecombineerd) Rb. Utrecht 14 Juni 1905 W. 8274, G.st.

!) Het gold de verordening van N.-Braband d.d. 28 Jan. "1907 Prov.blad no. 41 van dat jaar.

Sluiten