Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij deed Freia nogmaals teruggaan en dwong haar ten tweedenmaal tot den sprong.

Toen liet zij zich van het paard glijden en wierp Hendrik de teugels toe.

Doch Wolf was zijn zoon vóór.

Hij was het die ze opving en Freia weg leidde nadat hij haar eerst, vlak voor zijn jonge meesteres, had laten keeren en wenden.

Het bloed drupte uit haar slaande zijden.

— Dat moet je zie n," zeiden zijn strenge oogen.

Roswitha wierp het hoofd in den nek.

— Dank voor de les, neef," riep zij Eberhard toe en ging naar binnen.

Aan het ontbijt was zij druk.

Tweemaal liep zij weg om Godelieve wat van het eten te brengen, zonder dat dit noodig was, want voor Godelieve was gezorgd.

Nog den avond van dienzelfden dag vervolgden de gasten hun weg.

Ridder Dagobert begeleidde ze een eindweegs te paard.

Roswitha bleef achter.

— Ga mee wandelen," stelde jonkvrouw Gonda Godelieve voor die den geheelen dag op haar kamer had doorgebracht. „We zullen vragen of Roswitha meegaat."

Maar Roswitha was nergens te vinden en kwam ook niet op hun geroep.

Sluiten