Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vluchtelingen in dagen van gevaar, werden bezocht en ter schoonmaak overgegeven aan krachten uit het dichtstbij gelegen dorp, krachten die al op het binnenplein geschaard stonden met bezems en andere vreedzame wapens tegen stof, spinneweb,

vleermuizen, enz.

De wapenzaal werd het laatst bezocht. Vader Hubertus zat er al met stift en perkament, bezig de verschillende stukken en onderdeelen van harnassen, en lederen hozen en kolders op te schrijven, die een paar wapenknechts met den wapensmid aan het hoofd, van wand en dragers afhaakten en onderzochten. Het beste daaronder zou dienen voor de ten oorlog trekkende; het andere worden pasklaar gemaakt voor de verdedigers van den burcht.

Het geeft rust en vertrouwen te weten bij het weggaan

dat alles in goede orde is en trouwe harten achterblijven", zei ridder Dagobert met een blik op Wolf.

Wolf, die juist de spankracht van een voetboog probeerde, richtte zich op bij die woorden, en leek wel een halven voet langer.

Weer klopten en dreunden de hamers en vlamden de vuren in hoef- en wapensmederij. Timmerlieden en metselaars en hun gezellen waren aan 't werk. De zaag ging, en de schaaf. De boor knerste. Groote steenblokken werden naar den burcht vervoerd, mortel aangemaakt en minderwaardige plaatsen uitgebroken en opgemetseld.

Overal geloop, gehamer en bedrijvigheid.

Jonkvrouw Gonda ging mee met haar zwager op zijn rondgang op de dorpen. Zij wilde van den beginne af bij alles zijn, wetende welke verantwoordelijkheid op haar zou rusten na ridder

Dagobert's vertrek.

Ook op de dorpen was alles in woeling en spanning. Gontram had verteld wat er ophanden was! Alles wat beenen had en zich roeren kon tot honden, en katten en kippen incluis was op het kerkplein toen ridder Dagobert met schoonzuster en dochter daar op het aangekondigde uur verscheen.

9 l

Sluiten