Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Na zijn vertrek van den Valkenburcht had Govert een poos rondgezworven, er op bedacht zijn diensten zoo duur mogelijk te verkoopen. De tijd daartoe was gunstig, en een geoefend wapenknecht zeer welkom in burcht en stad. Hij had van den afval van den Porzburcht gehoord, had er zich aangemeld en was er aangenomen.

Zijn wrok tegen ridder Dagobert had hij gekoeld door verhalen omtrent den Valkenburcht, waarin het verblijf van de dochter van graaf Eberstein geen geringe rol had gespeeld. Hij had vermoed wie de monnik was geweest die ridder Dagobert had aangesproken toen hij de jonkvrouw later door haar gelijkenis met haar vader had herkend. Zijn sluwheid had hem van dat alles handig gebruik doen maken. Zijn verhalen opgesmukt en verdraaid om ridder Dagobert te schaden en zichzelf in het oog van zijn nieuwen meester tot een persoon van gewicht te maken, hadden de ronde gedaan eerst in keukenhal en wachtkamer, daarna in de ridderzaal, waar het juist op dat oogenblik levendig toe was gegaan door toegestroomde misnoegde edelen, vrienden van den burchtheer en vijanden van den Keizer. Men wist van de oproeping van den Keizer. Een stout plan was gerijpt: een toeleg om den vriend van den Keizer op te lichten en aan zijn wegblijven uit het kamp den schijn van ontrouw en verraad te geven. Afval van den ridder van den Valkenburcht! Dat zou inslaan! Menig weifelende zou volgen.

Nog een dubbel voordeel gaf dat plan als de kans en het geluk den Eberstein tegen was: dan zouden ridder Dagoberts leven en vrijheid in hun handen een kostbare troef zijn om beter voorwaarden voor den overwonnene en zijn aanhangers te bedingen.

Bij den beruchten en sterken Reichenstein had de overval plaats gehad. Govert had als speurhond dienst gedaan, had ridder Dagobert bij zijn vertrek bespied en gevolgd, en had de inlichtingen verstrekt welke de oplichting hadden mogelijk gemaakt.

Sluiten