Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vóór de deur stuitte hij op graaf Bernsdorff, kennelijk op weg om te hooren hoe het Roswitha ging.

— Zij was bij kennis geweest voor 't eerst Had

gesproken," verzekerde vader Hubertus.

— En toch zoo bezorgd, eerwaarde?"

Vader Hubertus vertelde wat hem ontsnapt en hoe dat door Roswitha opgenomen was.

Graaf Bernsdorff schudde het hoofd en keek ernstig.

— Beter te weinig dan te veel gezegd vooreerst. Nu de opstand voor lang, wellicht voor goed schijnt bedwongen, zal de belegering van den Reichenstein met nog meer kracht worden voortgezet. Auersperg trekt er overmorgen heen met zijn dienstmannen. De Keizer gaf gehoor aan zijn dringend verzoek

De kansen voor ridder Dagoberts' bevrijding worden gunstiger... Doch zoolang hij in handen van zijn vijanden is, blijft zijn toestand bedenkelijk.

Al kan het zijn dat een onverwachte oplossing mogelijk is."

Vader Hubertus herademde.

Die mogelijkheid lachte hij tegen.

— Het onvoorziene is dikwijls het waarschijnlijkste bij menschelijke berekeningen," merkte hij aan.

Na dien verlichtenden uitroep ging vader Hubertus met wijde passen verder.

Het was stil en uitgestorven in de stad op den berg, heel anders dan in haar naamgenoot, Wimpffen in het dal, waar alle huizen, schuren en stallen vol waren van gewonden. Barakken en tenten waren op de vlakte rondom opgeslagen voor diegenen, die geen plaats in het stadje hadden kunnen krijgen.

De slag was met zonsopgang begonnen en had geduurd tot dat de nacht het onderscheid tusschen vriend en vijand onmogelijk had gemaakt.

Keizer Frederik had dien geleid met een moed, een doorzicht en een kalmte die mèt en tegen hem strijdenden met bewondering had vervuld.

Sluiten