Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gesteld dat hij de geringste poging tot ontvluchting van zijn gevangene kon gadeslaan en verhinderen.

Men zou hem wel niet vrij laten gaan uit den burcht, waarheen men hem met zooveel voorzorg had gevoerd!

Hij trok de deur behoedzaam wat verder open, keek neer in de naar beneden draaiende verwulfde holte van de trap en luisterde.

Leeg en stil.

Wilde men hem uit zijn kamer en tot een poging om te ontvluchten lokken ? Om een voorwendsel te hebben zijn gevangenschap harder en ondragelijker te maken?

Geen voorwendsel was daartoe noodig: hij was volkomen aan de willekeur van zijn bewaarders overgeleverd.

Wachtte hem op de trap een valluik dat onder zijn voeten wijken en waardoor hij neerstorten zou in diepte zonder uitgang ? Een ellendige dood ? Wilde men hem wegruimen en spoorloos laten verdwijnen?

Bij de onzekerheid waarin hij omtrent oorzaak en doel van zijn oplichting, omtrent alles verkeerde, kwam hem dat niet onwaarschijnlijk voor.

Hij had zich zoo dikwijls afgevraagd waarop zijn gevangenschap moest uitloopen als geen redding van buiten kwam. Dat zijn bewaarders zich ten volle bewust waren van het vermetele en strafwaardige van hun handeling bewees niet alleen de geheele opzet van den overval, maar ook hun zorg om zich nooit met ongedekt gelaat te vertoonen.

Zij moesten nu wel overtuigd zijn dat hij door niets of niemand voor hunne zaak te winnen was!

Of was er iets dat hen deed vermoeden dat men hem opgespoord had en dat zijn ontzet mogelijk en nabij was?

Achtten zij daarom het oogenblik gekomen om zich van hem te ontdoen op de voor hen eenvoudigste en gemakkelijkste wijze?

Hij keek om naar een voorwerp waarmee hij zich kon

Sluiten