Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Nou? 'tls anders nog al frisch," zei Frits' moeder huiverend. Toen op eens als verschrikt: „Je keep Frits!"...

„Hè Moe! 't Is zoo lastig."

„Je keep doe je om," zei ze beslist. „En Ko, mag jij maar zoo zonder?"

Frits bleef nu weifelend in de gang staan, hopend nog, dat hij nu ook zonder mocht.

„Breng de keep van Bram ook mee," riep ze naar binnen. „Die is wel wat klein, maar dat hindert niet op de fiets."

Frits aarzelde en keek bedenkelijk lachend naar Ko. Die zou 't natuurlijk weigeren. Zoo n jongen als Ko en dan een kleine keep!

Maar Ko verraste hem al weer. Alles wat Ko deed verraste hem en hij keek hem verwonderd aan, toen die huiverend zei:

„Ja 't is toch nog al frisch. We kunnen hem best om hebben."

De keepen kwamen. Ko sloeg het kleine ding om de schouders. Het reikte hem tot even onder de ellebogen.

„Als ik er nou maar niet op trap," zei hij onder 't opstappen.

En weg reden de reizigers. Ko keek nog even om en groette. Frits niet; die had al z'n aandacht bij de fiets. De korte beenen moesten zich inspannen om de trappers te bereiken. Met een flink gangetje draaiden ze om den hoek, de andere straat in.

Sluiten