Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Zóó maar in 't stroo!" zei Frits nog vol verbazing.

„Ja," zei de keukenchef, „die maken we hier zelf." Meteen plonsde hij weer een zuiver geschild aardappeltje in 't water. Moedeloos keek Ko naar 't handige schillen van z'n gastheer.

,,'k Wou dat ik 't zoo kon," zei Ko.

„Eten gaat makkelijker, hè? Help je vrind maar zoeken. Of nee, ga jij-es in die boom en pluk er wat appels uit. Maar alleen groote rijpe!"

Klets! daar lag het mes in 't gras. Ko zat in een oogenblik in den naasten boom en keurde de appeltjes en plukte er drie, vier, vijf.

„Hoeveel, meneer?"

„Meneer is niet thuis," klonk het antwoord.

„Hoeveel mogen we er dan?"

,,'k Weet niet hoeveel je er lust. Daar bemoei ik me niet mee!" riep Kees, die kalm door bleef schillen.

Ko had nog al lang werk met appels plukken. Fatsoenshalve hield hij toch nog eerder op dan hij wel gewild had.

Kees was klaar met schillen. Hij waschte de aardappels handig in een groote pan en zette ze daarna op het vuur. — De jongens dwaalden wat rond door tuin en schuur en lieten hun nieuwen kennis voor 't eten zorgen. — 't Ging hier heel goed, vonden ze.

Sluiten