Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rustig voort, al moest ze over twaalf uur aanwijzen bij lamplicht. Dat gebeurde nooit, behalve de enkele keeren, dat er visite was, op verjaardagen en zoo.

Maar vroolijkheid was er niet geweest vandaag; wel drukte, een verdrietige, angstige drukte.

Nu was het stil, dood stil. Het gas suisde wonderlijk hard over het vreemde geval en de pendule antwoordde met duidelijk verstaanbare tikjes, dat het niets was en alles wel weer op tijd gebeuren zou.

In den grooten leunstoel zat doodelijk vermoeid de moeder en naast haar de vader van Frits. Ze hadden gedaan wat ze konden, alles besproken en afgesproken wat noodig was, en nog dachten ze niet aan slapen, Ze zouden het niet kunnen; er was te veel gebeurd, te veel verdrietigs en de groote vreugde van de behouden thuiskomst kon niet op eens de rust terug brengen.

Stil zaten ze alles te overdenken, maar eigenlijk het meest te luisteren naar het geringste geluid, dat er uit de aangrenzende slaapkamer kwam. Want Frits sliep onrustig, woelde erg en praatte soms in z'n slaap. Ze durfden nog niet naar hun slaapkamer gaan, maar wachtten geduldig tot de ademhaling wat regelmatiger zou worden en de kalmte hij hun kind teruggekeerd zou zijn. — Nu kreunde Frits en de ouders schokten er van op.

Op de teenen slopen ze naar z'n bed en beschouwde het slapend kind. Het gezicht had meer kleur. De halfgeopende lippen bewogen zich in

Sluiten