Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nen, en dan... zou hij weer vluchten ver in 't duistere bosch. Gebogen in een ombladerde ruimte, onder de wirrelende takken van de oude heg, zat hij geduldig te wachten op een teeken dat hem de omgeving zou doen kennen. — Zn gedachten keerden voor 't eerst even terug naar 't eigen huis en z'n gezin. — Hoe was het toch mogelijk, dat het alles nu weg was. Wat had hij gedaan, dat hij hier moest zitten ellendiger dan het wilde dier, dat tenminste z'n schuilhoeken kent?

Maar dadelijk werd z'n aandacht weer gericht op de oogenblikkelijke veiligheid. Hij hoorde luid lachen en schallend spreken. Een stroom van licht viel uit een in de verte geopende deur en 't zwakke schijnsel gluurde sprankelend door de heg. — In de lichte deuropening stond de donkere figuur van een soldaat. Duidelijk verstond de vluchteling: „Nee, ouwe heer, dat lappen ze Kees niet!"

Het klonk den armen man als muziek in de ooren. Dat was onvervalscht Hollandsch; hier was het witte huis en hij stond al opgericht aan den binnenkant van de heg.

Z'n knieën knikten bij 't voortgaan. Hij moest zich vastgrijpen aan de heg en „help! help! riep hij onder 't vallen.

„Wie is daar?" riep de Pruis en kwam snel op

het geluid af.

De ongelukkige kwam sidderend overeind en vertelde in een paar woorden wat er gebeurd was.

Sluiten