Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eenige oogenblikken daarna, was Michael Strogpff zonder opgemerkt te zijn, op het achterdek terug, en was hij met zijn hoofd in zijn handen alleen gaan zitten. Men zou gezegd hebben dat hij sliep.

Hij sliep niet en dacht er niet aan om te slapen. Daarover maakte hij zich bezorgd en zat hij te peinzen.

„Aan wien toch is mijn vertrek bekend, en wie kan er belang bij hebben het te weten?"

VIII.

De Kama opvarende.

Den volgenden morgen, 18 Juli te zes uur veertig minuten, kwam de Kaukasus aan de aanlegplaats van Kazan aan, die zeven wersten (yb kilometer) van de stad verwijderd is.

Kazan is gelegen aan de samenvloeiing van de Wolga en de Kazanka. Het is eene belangrijke hoofdplaats, met een Griekschen aartsbisschopszetel; het is tevens eene academiestad.

Hoewel de stad vrij ver van de aanlegplaats verwijderd is, verdrong zich toch op de kade eene talrijke menigte. Men was gekomen om nieuws te vernemen. De gouverneur der provincie had een besluit uitgevaardigd van denzelfden inhoud als dat van zijn collega te Nijni-Novgorod. Men zag daar Tartaren, gekleed in een lang overkleed met korte mouwen en het hoofd bedekt met een puntigen hoed, waarvan de breede randen aan dien van den bekenden Pierrot deden denken. Anderen, in een lange manteljas gehuld en met een kalotje op het hoofd, hadden veel van Poolsche Joden. Vrouwen, met allerlei klingklang op de borst, en met een diadeem in den vorm eener halve maan op het hoofd, vormden verschillende groepen die druk in gesprek waren. Officieren van politie, onder de menigte gemengd, eenige Kozakken met hunne lans gewapend, handhaafden de orde en deden plaats maken zoowel voor de passagiers, die de Kaukasus verlieten, als voor hen, die er zich op inscheepten; maar niet dan na beide soorten van reizigers nauwkeurig opgenomen te hebben.

Michael Strogoff keek met een vrij onverschilligen blik naar dat heen en weer loopen, aan elke aanlegplaats eener stoomboot eigen. De Kaukasus moest te Kazan een uur vertoeven om kolen in te nemen.

Michael Strogoff dacht er niet aan om aan land te gaan. Hij zou het jonge Lijflandsche meisje, dat nog niet op het dek verschenen was, niet alleen willen laten.

De twee dagbladschrijvers waren reeds sedert den dageraad op,

Sluiten