Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verzachtende, zeide, zonder door iemand anders gehoord te kunnen worden:

„Broeder, ik ben de dochter van een banneling. Ik heet Nadia Fedor. Mijne moeder is te Riga gestorven, bijna een maand geleden, en ik ga naar Irkoetsk, naar mijn vader, om zijne ballingschap te deelen."

„Ik ga ook naar Irkoetsk," antwoordde Michael Strogoff, „en ik zal het als eene gunst van den hemel beschouwen, Nadia Fedor gezond en wel in de handen van haar vader over te geven."

„Dank u, broeder!" antwoordde Nadia.

Michael Strogoff vertelde toen, dat hij een bijzonder podaroshna voor Siberië gekregen had, en dat van den kant der Russische overheden, niets zijne reis kon belemmeren.

' Nadia verlangde niets beter. Zij zag in de ontmoeting van dien eenvoudigen en goeden jongen man, dien de Voorzienigheid haar had toegezonden, slechts éen ding; het middel voor haar om tot haar vader te komen.

„Ik had," zeide zij, „een vrijgeleide, dat mij machtigde mij naar Irkoetsk te begeven ; doch het besluit van den gouverneur van Nijni-Novgorod heeft het ongeldig verklaard, en zonder u, broeder, zou ik de stad niet hebben kunnen verlaten, waar ge mij ontmoet hebt en waar ik zeer zeker gestorven zou zijn! "

„En alleen, Nadia," riep Michael Strogoff uit, „alleen, durfdet ge het te wagen de steppen van Siberië door te trekken!"

„Dat was mijn plicht, broeder."

„Maar wist ge dan niet dat het land, in opstand en overheerd, niet door te komen is."

„De Tartaarsche inval was niet bekend, toen ik Riga verliet," antwoordde het jonge meisje. „Eerst te Moskou heb ik die tijding vernomen!"

„En desniettegenstaande, hebt ge uwe reis vervolgd!"

„Dat was mijn plicht."

In dat gezegde was het geheele karakter van het moedige meisje saamgevat. Nadia aarzelde nooit te doen wat haar plicht was.

Zij sprak toen over haar vader, Wassili Fedor. Het was een geacht geneesheer uit Riga. Hij oefende zijn beroep met gunstig gevolg uit en leefde gelukkig te midden der zijnen. Doch zijn lidmaatschap in een buitenlandsch geheim genootschap bewezen zijnde, kreeg hij bevel om naar Irkoetsk te vertrekken en de gendarmen, die hem dit bevel brachten, geleidden hem op staanden voet over de grenzen.

Wassili Fedor had slechts den tijd zijne vrouw, die reeds lijdende was, te omhelzen, alsmede zijne dochter, die misschien zonder steun zou blijven, en, weenende over die twee wezens, die hij beminde, vertrok hij. Sedert twee jaar bewoonde hij de hoofdstad van OostSiberië, en daar oefende hij, maar niet vpordeelig, zijn beroep van

Sluiten