Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het doel dat zij bereiken moesten verschillend was, hadden zij toch beiden evenveel haast op de plaats hunner bestemming aan te komen en bijgevolg om te vertrekken. Men zou gezegd hebben dat éen en dezelfde wil hen bezielde !

„Zuster," zeide Michael Strogoff, „ik had gaarne gewenscht voor u een aangenamer en gemakkelijker rijtuig te vinden."

„Broeder, zegt gij dat tegen mij, die zoo noodig te voet ware gegaan om tot mijn vader te komen!"

,,Ik twijfel niet aan uw moed, Nadia, maar er zijn lichamelijke vermoeienissen, tegen welke geen vrouw bestand is."

„Ik zal er tegen bestand zijn, van welken aard zij ook mogen zijn. Mocht eene klacht over mijne lippen komen, laat mij dan onderweg achter en vervolg uwe reis alleen!"

Een half uur later werden, op vertoon van het podaroshna, drie postpaarden voor de tarentass gespannen. Deze dieren, met lang haar bedekt, hadden veel van beren op hooge pooten. Zij waren klein en vurig, van Siberisch ras.

Ziehier hoe de postiljon, de iemschik, ze had aangespannen: het eene, het grootste was tusschen twee lange disselboomen vastgemaakt, die aan hunne voorste uiteinden een hoepel droegen, douga genaamd, behangen met kwasten en belletjes; de twee anderen waren eenvoudig met touwen aan de beide treden van de tarentass bevestigd. Overigens geen tuig, en tot leidsels niets anders dan een eenvoudig touw.

Noch Michael Strogoff, noch het meisje voerde bagage mede. De groote haast van den een en de geringe middelen van de andere, hadden hen niet toegestaan het zich hiermede lastig te maken. Het was nu wel een geluk, want er was slechts plaats voor twee personen, zonder den postiljon mede te rekenen, die zich op zijn nauwen bok ternauwernood in evenwicht kon houden. Die postiljon wordt evenwel bij elke pleisterplaats verwisseld. Hij, wiens beurt het nu was te rijden, was een Siberiër evenals zijn paarden, en niet minder harig dan zij. Hij had al aanstonds een navorschenden blik op de reizigers van de tarentass geworpen. Geen bagage! — en waar zouden zij die voor den duivel gestopt hebben? — Dat is dus geen buitenkansje. En hij trok een veelbeteekenend gezicht.

„Raven," zeide hij, zonder zich te bekreunen om al of niet gehoord te worden, „raven tegen zes kopeken per werst."

„Neen! adelaars," riep Michael Strogoff uit, die volmaakt de taal der iemschiks verstond, „adelaars hoor je, tegen negen kopeken per werst, en de fooi bovendien!"

Een vroolijk zweepgeklap antwoordde hem.

De „raaf" beteekent in de taal der Russische postiljons, den gierigen of armen reiziger, die op de boerenpleisterplaats, de paarden slechts tegen twee a drie kópeken per werst betaalt. De „arend" beteekent den reiziger die voor geen hoogen prijs terug-

Sluiten