Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Welnu, dan zullen ze zijn voor diegene van ons, die in staat zal zijn te vertrekken! Verdedig je, want ik zal je niet ontzien!

En zoo sprekende, trok de reiziger zijn sabel en stelde zich in postuur.

Nadia had zich voor Michael Strogoff geworpen.

Harry Blount en Alcide Jolivet traden naar hem toe.

„Ik zal niet duelleeren," zeide Michael Strogoff eenvoudig, en, om zich beter in te houden, kruiste hij zijn armen op zijne borst.

„Gij zult niet vechten?"

„Neen."

„Zelfs ook na dit niet?" riep de reiziger uit.

En, voor men hem had kunnen tegenhouden, had hij Michael Strogoff met het handvatsel zijner zweep reeds een slag op den schouder toegebracht.

Bij deze beleediging verbleekte Michael Strogoff op verschrikkelijke wijze. Zijne handen verhieven zich wijd geopend in de hoogte alsof zij dat onbeschoft personage wilden verpletteren. Maar door eene uiterste poging, bleef hij zich zelf meester.

Een tweegevecht kon meer dan eene vertraging ,het kon de mislukking zijner zending veroorzaken!... . Beter ware het een paar uren te verliezen.... Ja! maar die beleediging te verkroppen!

„Zult ge nu vechten, lafaard?" herhaalde de reiziger, de grofheid bij de onbeschoftheid voegende.

„Neen!" antwoordde Michael Strogoff, die onbeweeglijk bleef, maar den reiziger strak in de oogen keek.

„De paarden, en terstond!" zeide deze toen.

En daarop verliet hij de zaal.

De postmeester volgde hem onmiddellijk, niet zonder de schouders opgehaald en Michael Strogoff met een blik, waarin weinig goedkeuring doorstraalde, aangekeken te hebben. « De uitwerking van dit voorval op de dagbladschrijvers teweeggebracht, kon niet gunstig voor Michael Strogoff zijn, wiens gedrag hun zeer tegenviel. De stevige, krachtvolle jonge man, zich zoo te laten slaan, en voor dergelijke beleediging niet eens voldoening te vragen. Zij groetten hem dus en gingen heen, terwijl Alcide Jolivet tegen Harry Blount zeide:

„Ik zou dat nooit van dien man gedacht hebben, die zoo netjes de beren van den Oeral den buik openrijt! Zou het dus waar zijn dat de moed zijn oogenblikkcn en zijn vormen heeft? Het is onbegrijpelijk! Wellicht komt het daar vandaan dat wij nooit lijfeigenen geweest zijn!"

Een oogenblik daarna duidden het geraas van wielen en het klappen eener zweep aan dat de berline met de paarden van de tarentass bespannen, snel het posthuis verliet.

Nadia, geheel gevoelloos en Michael Strogoff, nog van woede bevende, bleven alleen in de wachtkamer der wisselplaats. De

Sluiten