Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kans zag te bereiken zonder opgemerkt te worden. Hij lieD er ijlings heen en toen hij er bij was zag hij dat het een telegraafkantoor w as, waaruit twee draden liepen, de eene westwaarts, de andere oostwaarts, terwijl een derde in de richting van Kolivan gespannen was. , „ ® tegenwoordige omstandigheden moest men wel veronderstellen dat het huis verlaten zou zijn, doch, hoe het ook zij, Michael Strogoff zou er zich kunnen verschuilen en er den nacht afwachten om eerder door de steppe zijn weg te vervolgen.

Aan het kantoor gekomen, duwde hij de deur open. Een enkel persoon bevond zich in het vertrek, waar de berichten overgeseind werden. 5

Het was een beambte, die daar kalm, flegmatisch en onverschillig omtrent hetgeen er buiten gebeurde, getrouw op zijn post was.

Michael Strogoff ging naar hem toe en zeide met een door groote vermoeienis afgematte stem:

,,Welk nieuws?"

Geen nieuws," antwoordde de beambte glimlachende.

,,Zijn de Russen en de Tartaren handgemeen?"

„Men zegt het."

„Maar wie zijn overwinnaars?"

„Ik weet het niet."

Zooveel kalmte te midden dezer verschrikkelijke omstandigheden zooveel onverschilligheid zelfs, waren bijna ongeloofelij k „En is de draad met afgesneden?" vroeg Michael Strogoff. „Hij is afgesneden tusschen Kolivan en Krasnoïarsk, maar hii werkt nog tusschen Kolivan en de russische grens."

„Voor het gouvernement?"

„Voor het gouvernement, wanneer het zulks noodig oordeelt \ oor het publiek, wanneer het betaalt. Het is tien kopeken per woord. — Wanneer ge maar wilt, mijnheer?"

„Michael Strogoff stond gereed dien zonderlingen beambte te antwoorden dat hij geene dépêche te verzenden had, dat hij slechts wat water en brood verzocht, toen de deur van het huis eensklaps driftig geopend werd.

Michael Strogoff, denkende dat het de Tartaren waren wilde uit het venster springen, toen hij slechts twee mannen het vertrek zag binnentreden, die met het minst op Tartaarsche soldaten geleken.

De een hield eene met potlood geschreven dépêche in de hand en den anderen voorbijschietende liep hij naar het raampje van den beambte.

In die beide mannen vond Michael Strogoff, met eene verwondering die iedereen begrijpen zal, twee personages terug, aan wie hij geinig meer dacht en die hij nooit meer had denken weer te zien. Het waren de correspondenten Harry Blount en Alcide Jolivet, thans geen reisgezellen meer, maar mededingers, ja vijanden, nu zij op het tooneel van den oorlog werkzaam waren,

Sluiten