Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

of kwaadschiks, moet verlaten. De glimlach verliet zijn gelaat niet.

De kibitka bleef dus in den maalstroom ronddraaien, terwijl het paard af was. Eensklaps ontdeed Michael Strogoff zich van de kleederen die hem konden hinderen en wierp zich te water; daarna greep hij met kracht den teugel van het verschrikte paard en duwde het door een krachtigen stoot buiten de aantrekkingskracht van de draaikolk, waarna dg kibitka weder in den macht van den snellen stroom gekomen, met vernieuwde vaart afdreef.

,,Hoezee!" schreeuwde Nikolaas.

Eerst twee uur na het te waterlaten, was de kibitka den breedsten stroomarm overgestoken en landde zij op den oever van een eiland, zes wersten beneden het punt van vertrek gelegen. Daar werd de kar door het paard op den oever getrokken en kreeg dit een uur rust. Vervolgens werd het eiland in zijne volle breedte doorgetrokken, waarna men zich op den oever van den kleinsten arm der J eniseï bevond.

Deze overtocht ging gemakkelijk, hoewel de stroom zoo snel was dat de kibitka den rechteroever eerst vijf wersten stroomafwaarts bereikte. In het geheel bedroeg de afwijking nu elf wersten.

Die groote stroomen op het Siberisch grondgebied, waarover nergens nog eene brug geslagen is, zijn een groot beletsel voor de gemeenschap. Allen waren Michael Strogoff noodlottig geweest. Op de Irtisch werd de pont, die hem en Xadia vervoerde, door de Tartaren aangetast. Op de Obi was hij, nadat zijn paard door een kogel getroffen was, slechts door een wonder aan de hem vervolgende ruiters ontsnapt. Bij slot van rekening had de overtocht der Jeniseï nog de minste ongelukken opgeleverd.

„Het zou niet zoo vermakelijk zijn geweest," riep Nikolaas, zich in de handen wringende, uit, „indien het niet zoo moeitevol was geweest!"

„Wat voor ons moeilijk is geweest, vriend," antwoordde Michael Strogoff, „zal den Tartaren misschien onmogelijk zijn."

XXV.

Een haas over den weg.

Eindelijk mocht Michael Strogoff gelooven, dat de weg tot Irkoetsk vrij was. Hij was de Tartaren, die te Tomsk werden achter gehouden, vooruit en de soldaten van den emir zouden te Krasnoïarsk slechts eene verlaten stad vinden. Tenzij zij eene, moeielijk te plaatsen schipbrug medebrachten, zou de overtocht bijna onmogelijk zijn.

Voor het eerst, na de noodlottige ontmoeting met Ivan Ogarcff

Sluiten