Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

arme, kloeke Zoon blind is! Ach! wat is alles in deze wereld toch dooreengemengd.''

Een en ander had het gevolg dat de kibitka sneller reed en naar de berekening van Michael Strogoff nu tien a twaalf wersten in het uur aflegde.

Dientengevolge kwamen de reizigers op 28 Augustus tot voorbij het vlek Balaisk op tachtig wersten van Krasnoïarsk en den 2gen voorbij het vlek Ribinsk, op veertig wersten van Balaisk.

Den volgenden dag, kwam zij, vijf en dertig wersten verder, te Kamsk aan, een aanzienlijker stadje, besproeid door de rivier van dienzelfden naam en behoorende tot het stroomgebied van de Jeneseï, die van het Saïansk-gebergte afvloeit. Als stad is het niet van veel gewicht; de huizen zijn schilderachtig om een marktplein geplaatst; terwijl de hooge klokketoren der hoofdkerk alles overziet en zijn verguld kruis in de zon laat schitteren.

Ledige huizen en een verlaten kerk. Geen wisselplaats meer, geene herberg meer die bewoond was. Geen paard op stal. Geen huisdier in de steppe. De bevelen van het Moskovische gouvernement waren met volkomen gestrengheid uitgevoerd. Wat niet medegevoerd kon worden, was vernield.

Toen zij Kamps uitreden, vertelde Michael Strogoff aan Nadia en aan Nikolaas dat zij nu nog slechts een eenigszins belangrijk stadje, Nijni-Oedinsk, zouden ontmoeten, voor dat zij Irkoetsk bereikten. Nikolaas antwoordde dat hij zulks wist, daar er een telegraafkantoor in die plaats bestond. Was Nijni-Oedinsk dus evenzeer verlaten als Kamps, dan zou hij, om bezigheid te vinden, verplicht zijn tot de hoofdstad van Oost-Siberië door te gaan.

De kibitka kwam op eene waadbare plaats gemakkelijk het riviertje over, dat den weg voorbij Kamsk snijdt. Bovendien was tusschen de Jeniseï en de Angara, aan eerstgenoemde schatplichtig en die Irkoetsk besproeit, geen hindernis van eenigen belangrijken stroom — de Dinka misschien uitgezonderd — te vreezen.

Van Kamsk naar het eerstvolgende vlek, was het een lange weg, bijna honderd wersten. De vastgestelde halten moesten dus in acht genomen worden, wilde men zich, zooals Nikolaas zeide, ,,niet aan een billijk beklag van het paard blootstellen." Er was met dit moedige dier overeengekomen dat het om de vijftien wersten zou rusten en wanneer men eene overeenkomst sluit, eischt de billijkheid, zelfs tegenover dieren, dat men zich aan de bepalingen-dier overeenkomst houde.

Na het rivierLje Birioesa Overgetrokken te zijn, bereikte de kibitka, in den morgen van 4 September, Birioesinsk.

Daar vond Nikolaas, wiens voorraad uitgeput raakte, gelukkig een dozijn „pogatchas" eene soort van koeken met schapenvet toebereid en eene goede hoeveelheid rijst in water gekookt. Dit buitenkansje kwam ter rechter tijd den voorraad-koemijss verster-

Sluiten