Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was echter tot het laatste oogenblik in zijn kerspel gebleven. Vervolgens was hij genoodzaakt om te vluchten en, daar de weg naar Irkoetsk versperd was, had hij het meer Baïkal moeten trachten te bereiken.

Die verschillende geestelijken, voor op het vlot in groepen gezeten, baden op geregelde tijdstippen, de stem in dezen stillen nacht verheffende; terwijl aan het slot van elk vers van hun gebed het „Slava Bogu" (Glorie zij God), over hunne lippen kwam.

Er viel gedurende de vaart niets bijzonders voor. Nadia bleef in een diepe sluimering verzonken. Michael Strogoff had bij haar gewaakt. De slaap had hem slechts bij korte tusschenpoozen overmeesterd, terwijl zijne gedachte steeds wakker bleef.

Bij het aanbreken van den dag was het vlot, opgehouden door tegenwind die de werking van den stroom belemmerde, nog op veertig wersten van de uitmonding der Angara. Waarschijnlijk zou het die niet voor drie of vier uur 's namiddags bereiken. Dit was geen bezwaar, integendeel, want nu konden de vluchtelingen den stroom des nachts afzakken en zou de duisternis hunne aankomst te Irkoetsk begunstigen.

De eenige vrees, die de schipper verscheidene malen te kennen gaf, betrof het ontstaan van ijs op de oppervlakte van het water. De nacht was buitengemeen koud geweest. Men zag vrij talrijke ijsschotsen onder den invloed des winds, in eene westelijke richting drijven. Deze waren echter niet te duchten omdat zij niet in de Angara konden afdrijven, daar zij reeds voorbij hare monding waren. Maar men moest aan de schotsen denken die uit de oostelijke gedeelten van het meer kwamen en die door den stroom nader gebracht, zich tusschen de oevers van den stroom konden vastzetten. Daaruit konden bezwaren en vertragingen voortspruiten, misschien wel een onoverkomelijk beletsel dat het vlot kon tegenhouden.

Michael Strogoff had er dus het grootste belang bij om den toestand van het meer te kennen en te weten of de ijsschotsen zich in grooten getale opdeden. Nadia ontwaakt zijnde, ondervroeg hij haar dikwijls en zij gaf hem verslag van alles wat op de oppervlakte der wateren voorviel.

Terwijl de ijsschotsen zoo afdreven, vertoonden zich merkwaardige natuurverschijnselen op de oppervlakte van het Baïkalmeer. Het was een prachtig springen van bronnen kokend water, opstijgende uit de artesische putten die de natuur zelve in de bedding van het meer geboord heeft. Deze stralen verhieven zich tot eene groote hoogte en verspreidden zich daarna in dampen, waar de zonnestralen regenbogen op vormden, die door de koude oogenblikkelijk verdikt werden. Zeker zou dit belangwekkende schouwspel den blik verrukt hebben van den reiziger, die, in vollen vrede en voor zijn genoegen, op deze Siberische zee had gereisd.

Om vier uur 's avonds werd de mond van de Angara door den

Sluiten