Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de aantrekking der Maan zou eindigen met evenzoo op de Maan te vallen als nu en dan een luchtsteen op de Aarde.

»Dat gebeurt van de duizend luchtsteenen nog niet met één," zei Barbicane. »Verweg de meeste snellen als vallende sterren door de hemelruimte, zonder in eenige aanraking met de Aarde te komen."

»Maar wat zal dan van onzen aluminium-kerker worden?"

Barbicane dacht een oogenblik na en zei toen: sik weet maar twee mogelijkheden."

»En die zijn ?"

»Het projectiel heeft keus tusschen twee wiskundige lijnen; welke van die twee het volgen zal, hangt af van de snelheid, en die kan ik op dit oogenblik niet bepalen."

Nicholl vulde die woorden aan met te zeggen: »zeker een parabool of een hyperbool ?"

»Dat zijn geleerde woorden, daar houd ik van," zei Michel Ardan, »En wat voor een ding is dan een parabool ?"

»Een kromme lijn van den tweeden rang; zij ontstaat indien men een rechten kegel doorsnijdt evenwijdig aan een der zijden."

»Dus de kromme lijn, die een bom beschrijft als zij uit het mortier geschoten is," merkte Nicholl aan.

»Preciesl"

»En de hyperbool ?" vroeg Michel Ardan.

»De hyperbool is ook een kromme lijn van den tweeden rang; zij ontstaat indien men zich twee kegels voorstelt, met de punten rechtstandig op elkander staande en de snede alsdan door de beide kegels gaat. Gelijk de parabool twee beenen heeft die zich in het oneindige van elkander verwijderen, zoo heeft de hyperbool er vier."

»Wat je zegt!" zei Michel Ardan met de grootstmogelijke bedaardheid, alsof het iets zeer gewichtigs was. »Ik vind de hyperbool mooier want daar begrijp ik nog minder van dan van de parabool."

Barbicane en Nicholl gaven weinig acht op deze stekelige aanmerkingen; zij verdiepten zich slechts in de vraag: in welke kromme lijn zal zich het projectiel bewegen? Parabool of hyperbool ? Michel Ardan begreep niets van hun geleerdheid a -f- b — x.

»De vraag is alleen," vond hij, «waarheen zal een van die heeren bolen ons brengen?"

»Dat is 't hem juist," antwoordde kapitein Nicholl.

sBeide kromme lijnen hebben, gelijk onze voorzitter reeds terecht heeft aangemerkt, beenen die in het oneindige uiteenloopen.

»Dan is 't met de lange beenen tot in het oneindige mij onverschillig," liet Michel Ardan zich koeltjes ontvallen.

»Praten is niets," voegde hij er bij. »Dit is echter zeker dat het openen van gemeenschap, met de Maan voor onze Aarde nog

Sluiten