Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoo'n geïllustreerde „Moeder de Gans" onder hun opvoedingsmiddelen niet de laatste plaats inruimen. — Maar wat de Sprookjes zelf betreft? Die van Perra ult zijn niet letterlijk te vertalen voor de jeugd, — je begrijpt me. De Duitschers hebben nog aanhangsels, o.a. bij Roodkapje, die 't slot bederven. Die van Dr. Hei je

— Ho, Grootmoê! die prettige van onzen overleden kinderdichter

— Stil, mijn jongen! ik heb niets dan lof daarvoor. Maar: de dichter Hei je heeft ze naar eigen opvatting zóó bewerkt, dat het mij niet mogelijk schijnt, al de Sprookjes dus te vervormen. Hij heeft er dan ook slechts drie weergegeven, en — uitstekend goed. — Houdt gij nu den middenweg; wees niet bang voor een „bruidje" noch voor een „blauwen baard"; laat de prenten in uw rijmen goed uitkomen — en boven alles: tracht eenvoudig en los weg te

.vertellen, — dan mogen ze ook in hun rijmpak aan de jeugd ten goede komen, gelijk mijn prozaïsche indertijd aan u.

— Grootmoê! U krijgt vast een present-exemplaar van uw kleinzoon; — die aan elk vader en moeder een gezegenden, opgewekten ouderdom toewenscht als Gij bezit. —

— Ik hoop het van harte, mijn jongen.

A. L. D. R.

Sluiten