Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En Ezelsvel werd dra geroepen,

zij kwam aan t hof in de ezelshuid;

Doch toen zij nu het ringetje aannam,

kwam onder t vel 't blankst handjen uit, in zag men dat de ring haar paste.

Verbaasd keek daar wel elk van op,

Maar toen zij plotsling 't vel liet vallen,

steeg elks verbazing eerst ten top.

Daar stond ze in volle jeugd en schoonheid,

omgolfd door 't schittrend zonnekleed; De prins vergat op eens zijn ziekte,

^ en zij het doorgestane leed;

Want toen zij nu bedeesd verhaalde

wie of zij was, toen, lieve tijd!

Omhelsden koningin en koning

ons lief prinsesjen als om strijd;

En werd er ras een boó gezonden

naar d' ouden vader der prinses,

En haastig kwam de goede koning

aanrijden in zijn pronkkales,

Getrokken door wel veertig paarden,

met gouden tuigen, wonderschoon,

En breed omstuwd door edellieden

en hooge dienaars van de kroon, -n Ezelsvel wierp zich in de armen

haars vaders, en zij snikte luid,

En ook de koning was getroffen,

en schonk haar aan den prins tot bruid. Van „ï odros werd niet meer gesproken,

Zoo werd na lijden en geduld,

Al t geen de Tooverfee voorspelde,

slotte aan Ezelsvel vervuld.

Nu werd het huwelijk voltrokken,

nooit was zoo'n vreugde in 't land geweest;

20

Sluiten